de vlerk

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [vlɛrk]
Verbuigingen:  vlerk|en (meerv.)

iemand die brutaal of onbeleefd is
Voorbeeld:  `een arrogante, onbeschofte vlerk`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
schoffie schoft vleg vlegel vleugel wiek

8 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. (-en), vleugel; (zeew.) deel van het scheepswant; [figuurlijk] arm. ~EN, [bedrijvend werkwoord] [gelijkvloeiend] (ik vlerkte, heb ge...
  2. iemand die stout is vb: die vlerk heeft weer kattenkwaad uitgehaald Synoniemen: deugniet rakker ondeugd delen die een vogel of insect uitklapt als hij vliegt vb: met zijn...
  3. (1) Vlag(2). (2) Zijdelings aan een prauw verbonden drijver. (3) Deel van het scheepswand tussen de windveren en de hekstutten.
  4. 1) Apenkop 2) Bengel 3) Blaag 4) Brutaal persoon 5) Brutale jongen 6) Deugniet 7) Dierlijk lichaamsdeel 8) Kinkel 9) Kwajongen 10) Lichaamsdeel 11) Lompe vlegel 12) Lompe...
  5. 1> ander woord voor de vleugel van bijvoorbeeld een visnet. 2> Vlaamse term voor de pontklep van een pont.
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
vlerk (vleugel)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 96% van de Nederlanders en 88% van de Vlamingen het woord `vlerk`.