verbreken

werkw.
Uitspraak:  [vərˈbrekə(n)]
Vervoegingen:  verbrak (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft verbroken (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

een einde maken aan
Voorbeelden:  `het contract verbreken`,
`de stilte verbreken`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afbreken beëindigen forceren onderbreken onderbreking ontbinden opheffen stukmaken verbrijzelen

2 definities op Encyclo
  1. het stukmaken door te breken vb: ze verbreken de verzegeling van het gebouw een verbroken verbinding [die er niet langer is] een verbroken relatie [die er niet langer is]
  2. 1) Afbreken 2) Beëindigen 3) Boos maken 4) Derangeren 5) Forceren 6) Misvormen 7) Niet laten voortduren 8) Onderbreken 9) Onderbreking 10) Ontbinden 11) Opheffen 12) Sch...
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
verbreken (de samenhang beëindigen)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `verbreken` kennen.