strijken

werkw.
Uitspraak:  [ˈstrɛikə(n)]
Vervoegingen:  streek (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gestreken (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) (kleren) gladmaken met een strijkbout
Voorbeeld:  `Ik heb de hele avond staan strijken.`

2) (iets) laten zakken
Voorbeelden:  `een gehesen vlag strijken`,
`de mast van een zeilboot strijken`
Synoniem:  neerhalen

3) met je hand of een voorwerp zacht (op, langs of door iets) bewegen
Voorbeelden:  `met je hand door je haar strijken`,
`met een strijkstok over de snaren van je viool strijken`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
doorhaling gladstrijken neerhalen opstrijken persen scheren schrapping uitstrijken vegen

Spreekwoorden en zegswijzen
• tegen de vleug strijken (=prikkelen, boos maken)
• iemand onder de kin strijken (=vriendelijke of vleiende dingen tegen iemand zeggen)
• het zeil strijken (=het opgeven / flauw vallen / van iemand verliezen)
• er is geen zalf aan te strijken (=ergens niets aan kunnen doen of geen enke zinvol advies mogelijk voor iemand)
• een vaantje strijken (=flauw vallen, sterven, het opgeven)
Toon alle 9 spreekwoorden die strijken bevatten

11 definities op Encyclo
  1. 1> het naar beneden halen van iets. De zeilen strijken, de vlag strijken, de mast strijken, de stuw strijken. Gerelateerde termen:reggen, enz. 2> achteruit roeien.
  2. glad maken met een heet ijzer vb: dit overhemd moet gestreken worden er zachtjes overheen gaan vb: ik streek met mijn hand langs zijn wang laten zakken vb: vanwege de har...
  3. beschieten of bekleden met planken.
  4. Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bedrijvend werkwoord] ow. [ongelijkvloeiend] (ik streek, heb gestreken), zacht met de hand (of iets anders) over iets heengaan; waschg...
  5. het zich neerzetten van vliegend wild
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op strijken:
afstrijkenbestrijkenuitstrijkenneerstrijkenverstrijkengladstrijkenplatstrijkenaanstrijken

Herkomst volgens etymologiebank.nl
strijken (langs of over iets gaan; glad maken)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `strijken`.