schoonmaken

werkw.
Uitspraak:  [ˈsxonmakə(n)]
Vervoegingen:  maakte schoon (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft schoongemaakt (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

(iets) ontdoen van vuil en ongerechtigheden
Voorbeelden:  `groente schoonmaken`,
`gereedschap schoonmaken`,
`Wil jij de wc nog even schoonmaken voordat het bezoek komt?`
Synoniem:  reinigen

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afnemen kuis kuising opruimen opruiming reinigen reiniging schoonmaak schoonpoetsen schrapen uitmesten uitruimen zuiveren zuivering

Taaladvies
Kuisen / schoonmaken: Is kuisen in de betekenis van 'schoonmaken' correct?

5 definities op Encyclo
  1. tijdens een werfbeurt: aangroeisel en loszittende teer of roest verwijderen.
  2. •"(overgankelijk)" reinigen.
  3. hierover zijn de meningen verdeeld. Ik maak zelf 1x per jaar mijn zonnestroompanelen schoon met water-spons.
  4. het vuil eraf halen, wassen of poetsen vb: Wijna heeft mijn huis schoongemaakt Synoniem: reinigen Tegenstellingen: vervuilen verontreinigen weghalen wat niet lekker is vb...
  5. 1) Aandweilen 2) Aanrakken 3) Aanschuieren 4) Aansluiting aan hogere religieuze orde 5) Aanvegen 6) Afboenen 7) Afdoen 8) Afkuisen 9) Aflappen 10) Afnemen 11) Afwassen 12...
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
schoonmaken

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `schoonmaken` kennen.