opeten

werkw.
Uitspraak:  ɔpetə(n)]
Vervoegingen:  at op (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft opgegeten (volt.deelw.)

(iets) als voedsel tot je nemen
Voorbeeld:  `een appel helemaal, met klokhuis en al, opeten`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bikken bunkeren consumeren eten gebruiken leegeten naar binnen werken nuttigen opmaken oppeuzelen opvreten schransen schrokken tegoed doen tot zich nemen verorberen vreten zitten proppen

Taaladvies
  1. Waar komt de uitdrukking voor de mast zitten vandaan en wat wordt ermee bedoeld? Zie Voor de mast zitten
  2. Wat is juist: `Is het waar dat jij zes boterhammen opkan?` of `Is het waar dat jij zes boterhammen op kan?`? Zie Zes boterhammen opkunnen / op kunnen
  3. Waar komt de uitdrukking iets soldaat maken vandaan en wat wordt ermee bedoeld? Zie Soldaat maken


3 definities op Encyclo
  • • [ov] door eten opmaken. • [ov] helemaal opmaken. (+audio)
  • via de mond verwerken vb: hij heeft alles opgegeten Synoniem: consumeren
  • 1) Bikken 2) Bunkeren 3) Consumeren 4) Eten 5) Gebruiken 6) Interen op eigen vermogen 7) Knabbelen 8) Leegeten 9) Nuttige wenk 10) Nuttigen 11) Opbikken 12) Opkluiven 13)...
  • Toon uitgebreidere definities

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    opeten