mislopen

werkw.
Uitspraak:  [ˈmɪslopə(n)]
Vervoegingen:  liep mis (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  is misgelopen (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) niet gaan zoals bedoeld of gewenst
Voorbeeld:  `Er liep van alles mis tijdens de plechtigheid.`
Synoniem:  mislukken

2) per ongeluk net niet ontmoeten of krijgen
Voorbeelden:  `elkaar mislopen bij een reünie`,
`Veel medewerkers zijn de extra uitkering misgelopen.`
Synoniem:  missen

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afgaan falen floppen iets mislopen misgaan mislukken missen niet krijgen stranden verkeerd lopen

Intensiveringen
Uitdrukkingen die mislopen betekenen (waarin het woord zelf niet voorkomt):
aan je neus voorbijgaan; achter het net vissen;

3 definities op Encyclo
  1. hem net niet tegenkomen vb: ik ben Pieter misgelopen Tegenstellingen: ontmoeten treffen tegenkomen het net niet krijgen vb: doordat je te laat bent, ben je de taart misge...
  2. •niet op de juiste tijd op de juiste plaats zijn om iets mee te maken. •fout aflopen.
  3. 1) Afgaan 2) Derven 3) Falen 4) Floppen 5) Greineren 6) Kartels aanbrengen 7) Misgaan 8) Mislukken 9) Missen 10) Niet krijgen 11) Ongunstig verlopen 12) Spaak lopen 13) S...
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `mislopen`.