het lint

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [lɪnt]
Verbuigingen:  lint|en (meerv.)

lange strook textiel, vaak met een opvallende kleur
Voorbeeld:  `Met het doorknippen van een lint opende de burgemeester de nieuwe sporthal.`
door het lint gaan  (je zelfbeheersing verliezen)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afzetlint band haarband haarlint politielint strik

Spreekwoorden en zegswijzen
• een lintje krijgen (=geridderd worden - een compliment krijgen)
• door het lint gaan. (=door woede je emoties niet (meer) onder controle kunnen houden.)
Naar de spreekwoorden

8 definities op Encyclo
  1. smal bandje van zijde, fluweel of een andere stof vb: het meisje droeg een lint in het haar door het lint gaan [je zelfbeheersing verliezen, heel woedend worden] een lint...
  2. • [kleding] lange, smalle strook stof
  3. Algemeen te gebruiken voor lange, dunne, platte, soepele repen van elk materiaal. Specifiek gebruiken voor repen fijne textiel zoals zijde, satijn of fluweel, vaak afgewe...
  4. Let op: Spelling (deels) uit 1864: o. (-en), geweven band; groot-, grootkruis eener ridderorde. ~BLOEM, v. (-en), [zeker, zekere] bloem. ~JE, (B. -N), o. (-s), bandje, ko...
  5. 1) Afzetlint 2) Agrement 3) Band 4) Band van stof 5) Bandvormig weefsel 6) Bast van de vlas- of hennepstengel 7) Bast van de vlasstengel 8) Bewijs van eerbetoon 9) Bewill...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met lint:
lintantennelintbebouwinglintenlintjelintkabellintvoeglintvormiglintwormlintwormenlintzaaglintzagen

Deze woorden eindigen op lint:
meetlintplintstuurlint

Herkomst volgens etymologiebank.nl
lint (smal, bandvormig weefsel)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `lint` kennen.