de kajuit

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [kaˈjœyt]
Verbuigingen:  kajuit|en (meerv.)

huisje op een boot
Voorbeelden:  `Ik wil een boot met een kajuit, zodat ik droog binnen kan zitten als het regent.`,
`in de kajuit slapen`,
`kajuitjacht`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
cabine cockpit hut roef

Spreekwoorden en zegswijzen
• als het in de kajuit regent druipt het in de hut (=als de baas problemen heeft, krijgen ook de ondergeschikten hun deel)
Naar de spreekwoorden

11 definities op Encyclo
  1. passagiersverblijf op boten Jaar van herkomst: 1455 (Toll. )
  2. •een gemeenschappelijke verblijfplaats op schepen.
  3. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. (-en), scheepskamer, verblijf van den kapitein, - der passagiers. ~(S)JONGEN, m. (-s), knecht van den kapitein, scheepsjongen. ~(S)W...
  4. VOC - Scheepsbouw : werk- en eetruimte voor officieren, vaak ook als slaapruimte ingericht.
  5. In een klein zeegaand roei-, zeil- of motorvaartuig is het de ruimte voor passagiers. Aan boord van grote zeeschepen is de kajuit het verblijf voor de commandant. Op binn...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met kajuit:
kajuiten

Herkomst volgens etymologiebank.nl
kajuit (woonruimte op een schip)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 100% van de Vlamingen het woord `kajuit`.