Uit `De lagere vaktalen: Taal der Loodgieters, zinkbewerkers en gasfitters` 1914 schuif, stuk lood met 2 omgeslagen boorden, om looden platen van dakbedekking (wier randen óók omgeslagen) te verbinden.
Uit `De lagere vaktalen: Timmermanstaal` 1914 schuin afloopend deksel op een doodkist.
overdekte plaats in een trek- of postschuit..
Let op: Spelling van 1858 afzonderlijk kamertje in de Hollandsche schepen en trekschuiten