geniepig

bijv.naamw.
Verbuigingen:  geniepiger
Verbuigingen:  geniepigst

op een achterbakse manier en gemeen
Voorbeelden:  `Hij zette hem op een geniepige manier buiten spel.`,
`Omdat hij iets geniepigs had gedaan mocht hij niet meer meedoen met het spelletje.`


Bron: WikiWoordenboek.

Synoniemen
achterbaks doortrapt gehaaid gemeen geraffineerd geslepen gewiekst gluiperig in het geniep listig slinks sluw snood stiekem uitgekookt

4 definities op Encyclo
  1. stiekem en een beetje gemeen vb: het vasthouden van die poes was een geniepige streek
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: bijvoegelijk naamwoord en bedrijvend werkwoord (-er, -st), norsch, morrend, in het geheim kwaad doende.
  3. •op een achterbakse manier en gemeen.
  4. 1) Achterbaks 2) Besmuikt 3) Boosaardig 4) Boosaardige streken doen 5) Doortrapt 6) Gehaaid 7) Gemeen 8) Geraffineerd 9) Gluiperig 10) Heimelijk 11) Heimelijk vals 12) In...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met geniepig:
geniepigheid

Herkomst volgens etymologiebank.nl
geniepig

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `geniepig`.