I het geheel

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [xəˈhel]

alles bij elkaar
Voorbeelden:  `één geheel vormen`,
`een ondeelbaar geheel`,
`Het geheel is de som der delen.`
Synoniemen:  totaliteit, alles
in het geheel niet  (helemaal niet)
over het geheel genomen  (in het algemeen, zonder op de details te letten)


II geheel

bijv.naamw.
Uitspraak:  [xəˈhel]

waaraan niets ontbreekt
Voorbeelden:  `de gehele school`,
`een geheel vernieuwde versie`
Antoniem:  gedeeltelijk
Synoniemen:  volkomen, heel

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aan één stuk alles eenheid faliekant gezamenlijkheid heel totaal totaliteit volkomen volkomenheid volledigheid voltalligheid zonder uitzondering gedeeltelijk (antoniem)half (antoniem)

Spreekwoorden en zegswijzen
geheel oor zijn (=heel goed opletten - goed luisteren)
geheel oog zijn (=heel goed opletten)
Naar de spreekwoorden

Taaladvies
Heel - geheel: ( - Europa) Wat is correct: heel Europa of geheel Europa?

Intensiveringen
Uitdrukkingen die geheel betekenen (waarin het woord zelf niet voorkomt):
de alfa en (de) omega; een en al; in de volle lengte; met huid en haar verslinden; ten volle;

5 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bijvoegelijk naamwoord] en [bijwoord] zonder gebrek, zonder dat (er) iets (aan) ontbreekt; gaaf, ongeschonden; heel, zonder breuk, nie...
  2. •alle delen zonder uitzondering
  3. alle delen bij elkaar vb: deze verzameling vormt een geheel over het geheel genomen ... [in het algemeen ...]
  4. heel Jaar van herkomst: 1236 (CG I 1, 29 )
  5. 1) Aan een stuk 2) Afgestampt 3) Allenthalve 4) Alles 5) Alles bij elkaar 6) Alles bijeen 7) Alleszins 8) Alles tezamen 9) Compleet 10) Complex 11) Eenheid 12) Ensemble (...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met geheel:
geheelheidgeheelonthouder

Deze woorden eindigen op geheel:
algeheel

Herkomst volgens etymologiebank.nl
geheel (volledig, onverdeeld ; de gehele hoeveelheid)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `geheel` kennen.