het watje

zelfst.naamw.
Uitspraak:  ['wɑcə]
Verbuigingen:  watje|s (meerv.)

1) propje watten
Voorbeeld:  `Hij had een watje in zijn neusgat gedaan om het bloeden te stoppen.`

2) man die niet sterk is of niet veel kan verdragen
Voorbeeld:  `Wat een watje!`
Synoniemen:  slappeling, mietje, doetje,

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
schlemi schlemiel slemiel slung sukkel wat watten

2 definities op Encyclo
  1. 1) Bangerd 2) Doetje 3) Een halfzacht iemand 4) Halfzacht persoon 5) Persoon waar geen fut in zit 6) Schlemi 7) Schlemiel 8) Slappeling 9) Slapperd 10) Slemiel 11) Slome ...
  2. sukkel Jaar van herkomst: 1987 (Kuitenbrouwer )
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
watje (sukkel)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `watje`.