bakken

werkw.
Uitspraak:  [ˈbɑkə(n)]
Vervoegingen:  bakte (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gebakken (volt.deelw.)

1) in een pan of oven verhitten en gaar of hard laten worden culinair
Voorbeelden:  `een ei bakken`,
`brood bakken`,
`een taart bakken`
met de gebakken peren zitten  (de vervelende consequenties ervaren)
gebakken lucht  (overdreven en opgeblazen woorden of gedrag)
er niets van bakken  (iets helemaal niet kunnen) `gebakken aardewerk`

2) in de zon liggen om bruin te worden
Voorbeeld:  `liggen bakken aan het strand`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bakvet frituren fruiten gebakken gevangenissen likken norren schroeien

Spreekwoorden en zegswijzen
• zoete broodjes bakken (=dingen zeggen om een goede indruk achter te laten bij mensen met invloed.)
• uit dezelfde klei gebakken zijn (=dezelfde afkomst hebben)
• met de gebakken peren blijven zitten (=voor de moeilijkheden opdraaien)
• lieverkoekjes worden hier niet gebakken (=zin of geen zin, je moet het doen)
• iemand een poets bakken (=een grap met iemand uithalen)
Toon alle 7 spreekwoorden die bakken bevatten

Taaladvies
  1. Wat is correct:  Ik hou van koekjes met glazuur op of Ik hou van koekjes met glazuur erop? Zie met glazuur op / glazuur erop
  2. Schrijf je leerling-bakker met een koppelteken? Zie leerling-bakker / leerling bakker
  3. Schrijf je deze combinatie van bijvoeglijk naamwoord en zelfstandige naamwoord losofaaneen? Zie bruin brood / bruinbrood


17 definities op Encyclo
  • in de oven gaar laten worden vb: hij heeft een appeltaart gebakken in de koekenpan gaar laten worden vb: je kunt die gekookte aardappels nog wel bakken hij bakt ze wel br...
  • Sterk ontwikkelde wangspieren.
  • Het bereiden van gerechten in margarine, olie of een andere vetstof, in een open pan op een hoog vuur. Deze term wordt ook gebruikt voor het gaar maken van deeg of beslag...
  • Het in een open pan in heet vet of hete boter gaar en bruin laten worden van diverse spijzen
  • •voedsel bij hoge temperatuur in een oven of in een pan met olie verhitten.
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden eindigen op bakken:
    aanbakkenaangebakkenafvalbakkenasbakkenbestekbakkenbroeibakkenbroodbakkenduwbakkengebakkenglasbakkenjij-bakkenkattenbakkenklasbakkenkoekenbakkenkofferbakkenkolbakkenlekbakkenlichtbakkenopbakkenopgebakken

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    1. bakken (braden)
    2. bakken (zakken voor examen)