bakken

werkw.
Uitspraak:  [ˈbɑkə(n)]
Vervoegingen:  bakte (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gebakken (volt.deelw.)

1) in een pan of oven verhitten en gaar of hard laten worden culinair
Voorbeelden:  `een ei bakken`,
`brood bakken`,
`een taart bakken`
met de gebakken peren zitten  (de vervelende consequenties ervaren)
gebakken lucht  (overdreven en opgeblazen woorden of gedrag)
er niets van bakken  (iets helemaal niet kunnen) `gebakken aardewerk`

2) in de zon liggen om bruin te worden
Voorbeeld:  `liggen bakken aan het strand`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bakvet frituren fruiten gebakken gevangenissen likken norren schroeien

Spreekwoorden en zegswijzen
• zoete broodjes bakken (=dingen zeggen om een goede indruk achter te laten bij mensen met invloed.)
• uit dezelfde klei gebakken zijn (=dezelfde afkomst hebben)
• met de gebakken peren blijven zitten (=voor de moeilijkheden opdraaien)
• lieverkoekjes worden hier niet gebakken (=zin of geen zin, je moet het doen)
• iemand een poets bakken (=een grap met iemand uithalen)
Toon alle 7 spreekwoorden die bakken bevatten

19 definities op Encyclo
  1. Sterk ontwikkelde wangspieren.
  2. Het bereiden van gerechten in margarine, olie of een andere vetstof, in een open pan op een hoog vuur. Deze term wordt ook gebruikt voor het gaar maken van deeg of beslag...
  3. Proces waarbij platen worden verhit in een grote oven om de duurzaamheid te verhogen; ook vereist vóór de verwerking bij sommige thermische conversieplaten om het belic...
  4. Het bereiden van gerechten in margarine, olie of een andere vetstof, in een open pan op een hoog vuur. Deze term wordt ook gebruikt voor het gaar maken van deeg of beslag...
  5. Sterk ontwikkelde wangspieren.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op bakken:
aanbakkenaangebakkenafvalbakkenasbakkenbestekbakkenbroeibakkenduwbakkenglasbakkenkattenbakkenklasbakkenkofferbakkenkolbakkenlekbakkenlichtbakkenkoekenbakkenopbakkenopgebakkenoudbakkenpisbakkenprullenbakken

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. bakken (braden)
  2. bakken (zakken voor examen)


Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `bakken` kennen.