opbakken

werkw.
Uitspraak:  ['ɔbɑkə(n)]
Vervoegingen:  bakte op (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft opgebakken (volt.deelw.)

restje eten opnieuw verwarmen door het te bakken
Voorbeeld:  `Heb je dat kliekje van gisteren weggegooid? Ik wou het nog opbakken.`

© Kernerman Dictionaries.

Taaladvies
Wat is het voltooid deelwoord van roerbakken? Is het `Ik heb de spruitjes geroerbakt` of `Ik heb de spruitjes roergebakken`? Zie Roerbakken: roergebakken / geroerbakte spruitjes

2 definities op Encyclo
  • 1) Nog eens bakken 2) Opwarmen
  • Opdienen van het eten.
  • Toon uitgebreidere definities