opbakken
werkw.
| Uitspraak: | ['ɔbɑkə(n)] |
| Afbreekpatroon: | op·bak·ken |
| Vervoegingen: | bakte op (verl.tijd enkelv.) |
| Vervoegingen: | heeft opgebakken (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen |
restje eten opnieuw verwarmen door het te bakken | Voorbeeld: | `Heb je dat kliekje van gisteren weggegooid? Ik wou het nog opbakken.` | |
2 definities op Encyclo
- 1) Nog eens bakken 2) Opwarmen
- Opdienen van het eten.
Toon uitgebreidere definitiesTaaladvies
Wat is het voltooid deelwoord van
roerbakken? Is het `Ik heb de spruitjes geroerbakt` of `Ik heb de spruitjes roergebakken`?
Zie Roerbakken: roergebakken / geroerbakte spruitjesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van opbakken?
De verleden tijd van opbakken is 'bakte op'. Het voltooid deelwoord is 'heeft opgebakken'.
Wat betekent opbakken?
'restje eten opnieuw verwarmen door het te bakken'
Hoe spel je opbakken?
opbakken spel je O P B A K K E N Op andere websites
Zoek opbakken in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek opbakken op
Google
Zoek opbakken op
Woordenlijst.org
Zoek opbakken in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek opbakken op
Wikipedia