Spreekwoorden met `wils`

Zoek

Eén spreekwoord bevat `wils`

  1. voor elk wat wils (=er zit voor iedereen wel wat bij)

18 dialectgezegden bevatten `wils`

  1. as se wied wils gape, mós se ouch eine groeëte móndj höbbe (=als je veel geld wilt uitgeven, moet je ook rijk zijn) (Heitsers)
  2. assem wils daudsjiete, moeste mekan ne meiter boëve zene kop mikke; doë zit zen pretense (=hij heeft een heel dikke nek (een Hasselaar!) ) (Munsterbilzen - Minsters)
  3. aste e kaaf wils zien, moeste nau èn de spiegel kieke (=dommerik, die je bent!) (Bilzers)
  4. aste geen beroep wils leire, wiën dan mér gewaun ne sjoëlmeester (=ommigen hebben een beroep, anderen een roeping) (Bilzers)
  5. aste graot¨s hoëning wils pikke, moeste de stieke van de bienen ter mér bijpikke (=alle goed heeft ook zijn slechte kanten elke voordeel heb zijn nadeel(Cruyff)) (Munsterbilzen - Minsters)
  6. aste grütter wils tene dan daste bès, geeste ne kër dür zen been zakke (=doe je nooit groter voor dan je bent, je benen kunnen die weelde niet dragen) (Munsterbilzen - Minsters)
  7. aste hinne wils hate moeste hunne stront terbij pakke (=bij de lusten moet je ook de lasten nemen) (Munsterbilzen - Minsters)
  8. aste ieëver de koestal wils springe, konste wol èn de verkësstal teraech koeëme (=hoogmoed komt voor de val) (Munsterbilzen - Minsters)
  9. aste ne goejen doef wils hëbbe, deeste mèr waajer (=als het nog lang duurt, krijg je rammel) (Munsterbilzen - Minsters)
  10. Aste nen iëzel wils leire daase moeste de zjuste meziek opzétte (=Probeer nooit het onmogelijke) (Bilzers)
  11. aste nie wils leistere, moesset mèr besniete (=wie niet wil luisteren, moet het maar voelen) (Munsterbilzen - Minsters)
  12. Aste sloëpend rijk wils wiëne, moeste iës zien én sloëp te geraoke (=rijk worden is niet gemakkelijk) (Bilzers)
  13. Aste sloëpend rijk wils wiëne, moeste zen ooge goed oëpe haate (='t is niet gemakkelijk slapend rijk te worden) (Bilzers)
  14. aste van graute zaoke wils dreme, moeste zërge daste heil goed wakker bès (=dromen zijn bedrog) (Munsterbilzen - Minsters)
  15. astë wils dat ët miëlëke blif draeë, moeste zërge dattër genoeg wènd ès (=als je wil dat je goed kan leven, moet je zorgen voor inkomsten) (Munsterbilzen - Minsters)
  16. de soep en de väörmiddig, kins se zoeë lank make as se wils (=wordt gezegd als iemand aan het treuzelen is) (Heitsers)
  17. doot waat se wils den waer se neet gek (=geen rekening houden met anderen) (Heitsers)
  18. leire deeste iedre daog, ofset wils of nie (=als het leven n iet je beste vriend is, is het toch je grootste leraar) (Munsterbilzen - Minsters)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen