Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

11 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `tang`

  1. als een tang op een varken passen/sluiten (=niet bij elkaar passen)
  2. als een tang op een varken slaan (=iets heeft totaal niets met een besproken onderwerp te maken)
  3. Dat slaat als een tang op een varken (=dat slaat nergens op)
  4. dat slaat als een tang op een varken. (=dat slaat nergens op.)
  5. een tang van een wijf. / Een oude tang. (=een heks, feeks. / Een oude lastige vrouw.)
  6. iemand in de tang nemen. (=iemand zo vasthouden dat hij of zij niet kan ontsnappen. / Iemand in zijn macht hebben.)
  7. iemand op stang jagen/rijden (=iemand kwaad maken, iemand strak in de gaten houden en controleren)
  8. op de stang rijden (=scherp controleren)
  9. op stang jagen/rijden (=boos maken)
  10. te vies om met een tang aan te pakken. (=heel vies en smerig.)
  11. van pomp noch pompstang weten (=erg dom zijn, weinig weten)

Het dialectenwoordenboek kent 21 spreekwoorden met `tang`

  1. Bergs: tangtogmartangen (=Het hangt toch maar te hangen)
  2. Antwerps: 'tangt menne nikkel oaut (=ik ben het moe)
  3. Zeeuws: De tange lei in 't vier (=We hebben haast)
  4. West-Vlaams: in de piense oeden (=in de tang houden)
  5. Brugs: 'k stoeng mè me muule vul tangden (=ik was verbaasd)
  6. Bergs: da dieng van mijn tangtmartange (=ik ben niet (meer) seksueel actief)
  7. Lichtervelds: tangt mn bottn uut (=het hangt me de keel uit)
  8. Langemarks: é tange van é wuf (=een kwaaie vrouw)
  9. Diesters: teste voël oem me en tang aan te raoke (=zeer vuil)
  10. Munsterbilzen - Minsters: da steed assen tang op e vèrke (=dat is een lelijke combinatie)
  11. Diesters: et past gelijk en tang oep e verreke; da vloekt bijieën (=niet mooi samengaan)
  12. limburgs: per basjele tang (schinveld) 15 (=Voor spek en bonen)
  13. Loois: Het stao gelak een tang op ê verre'e (=Het past niet samen)
  14. Munsterbilzen - Minsters: mét geen tang aon te raoke (riere) (=vuil en vettig)
  15. Waregems: ge zoedt er no mee geen tange naar rieëkn (=zodanig vies is het, dat je het zeker niet zult vastnemen)
  16. Aarschots: Da trekt gelakkes en tang oep e verreke. (=Dat is helemaal niet mooi.)
  17. Sint-Niklaas: die is mè geen tang vast te pakken (=vuile, vieze, onverzorgde mens)
  18. Sint-Niklaas: een tang van e wiijf (=een kwade vrouw)
  19. Sint-Niklaas: een aa tang (=oude, moeilijk doende vrouw)
  20. Munsterbilzen - Minsters: te vaul vër métten tang oën te riere (=afgrijselijk vuil)
  21. Weerts: met mien moel vôl tang (=met mijn mond vol tanden)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen