Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

4 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `snoer`

  1. aan zijn snoer rijgen (=tot volgeling maken)
  2. de mond snoeren (=tot zwijgen brengen)
  3. de snoeren zijn mij in lieflijke plaatsen gevallen (=ik ben op goede plaatsen beland)
  4. iemand de mond snoeren (=iemand verbieden iets te zeggen / tot zwijgen brengen)

Het dialectenwoordenboek kent 6 spreekwoorden met `snoer`

  1. Veurns: etwieên op ze plekke zetten (=de mond snoeren)
  2. Roermonds: Dem móste ze sjpits make en de grondj in pave (=Ze moesten hem de mond snoeren)
  3. Munsterbilzen - Minsters: iemes te mond snoere (=iemand het zwijgen opleggen)
  4. Munsterbilzen - Minsters: iemed snoere (=iemand pakken of hebben liggen)
  5. Bilzers: haj ès niemes te snoere (=ik kan niemand vastkrijgen)
  6. Westerkwartiers: één de mond snoer'n (=iemand tot zwijgen brengen)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen