50 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `kij`
- achter de coulissen kijken (=de echte toestand zien (ontdekken))
- achter de schermen kijken (=kijken waar men normaal niet kan of mag kijken)
- de één mag een paard stelen, de ander mag niet over het hek kijken. (=sommigen mogen alles, anderen mogen niets)
- de kat uit de boom kijken (=een afwachtende houding aannemen)
- de kunst afkijken. (=leren door te observeren.)
- de ooievaar nakijken (=tijd verdoen)
- de zaak nog eens aankijken (=nog even afwachten)
- door een donkere bril bekijken (=op een pessimistische manier bekijken)
- door het hennepen venster kijken (=opgehangen worden)
- een gegeven paard mag men niet in de bek kijken. (=als men een geschenk krijgt, dan moet men niet zoeken of er hier of daar wat aan mankeert.)
- er geen kijk op hebben (=de oplossing niet zien)
- er naar uitkijken als de pastoor naar het geld in het kerkenzakje (=iets vol verwachting tegemoet zien)
- geliefdes kijven doet liefde bedrijven. (=na een ruzie tussen geliefden volgt liefde)
- het nakijken hebben (=te laat in actie zijn gekomen, een ander was je voor)
- iemand het nakijken geven (=iemand verslaan of achterlaten.)
- iemand met de nek aankijken (=iemand minachten of negeren.)
- iemand met schele/scheve ogen aankijken (=iemand afgunstig bekijken)
- iemand op de vingers kijken (=steeds kijken wat iemand doet, en of die het goed doet)
- iemand op iets aankijken (=over een eigenschap of daad van iemand niet tevreden zijn)
- iets met argusogen bekijken (=iets wantrouwend bekijken. Iets nauwlettend in de gaten houden)
- ik kijk wel uit (=dat doe ik niet, daar ben ik te voorzichtig voor)
- in de kijker lopen (=opvallen)
- in het veen kijkt/ziet men niet op een turfje (=wie rijk is let niet op een euro meer of minder)
- je in de kaart laten kijken (=meestal onopzettelijk een ander inzicht geven in je bedoelingen)
- je moet een gegeven paard niet in de mond kijken (=je moet niet te kritisch zijn over cadeaus, of koopjes)
- je ogen uitkijken (=erg verbaasd of nieuwsgierig staan kijken)
- kijk een gegeven paard niet in de bek (=je mag niet klagen over de kwaliteit van iets dat men gratis krijgt)
- kijken als een hard geschilde aardappel (=bleek zien)
- kijken als een schelvis (=lodderig, dom of onbetrouwbaar kijken)
- kijken als een snoek op zolder (=zeer verbaasd zijn)
- kijken als Jonas in de walvis (=benauwd kijken)
- kijken alsof hij zijn laatste oortje versnoept heeft (=heel ongelukkig kijken)
- kijken alsof je een geest ziet (=verbaasd of geschrokken kijken.)
- kijken hoe de hazen lopen (=voorzichtig te werk gaan, eerst afwachten hoe de verhoudingen blijken te liggen)
- kijken of men het in Keulen hoort donderen (=heel erg verbaasd kijken)
- kijken of men water ziet branden (=heel erg verbaasd kijken)
- koffiedik kijken (=trachten het onbekende te kennen (de toekomst))
- met een kennersblik bekijken (=met kennis van zaken beoordelen)
- naar iets mogen kijken (=van iets moeten afblijven)
- niet verder zien/kijken dan je neus lang is (=niet goed nadenken wat de gevolgen van iets zijn)
- op de vingers kijken (=(Op een vervelende manier) scherp toezien hoe iemand iets doet, zodat elke fout direct opgemerkt wordt)
- op je neus kijken (=teleurgesteld zijn)
- staan kijken als lamme/verdomde Louis (=verlegen of beteuterd staan kijken)
- te diep in het glaasje kijken (=te veel alcohol drinken en daardoor erg dronken zijn)
- uit de doppen kijken (=goed uitkijken)
- van achteren kijkt men de koe in zijn gat (=achteraf is het makkelijk kritiek geven)
- veel bekijks hebben (=de aandacht trekken)
- waar twee kijven hebben twee schuld (=beide personen hebben schuld als ze ruzie met elkaar maken)
- wie aan de weg timmert heeft veel bekijks (=iemand die grote beslissingen moet nemen, krijgt vaak ook veel kritiek)
- zuinig kijken (=teleurgesteld of verdrietig kijken)
32 betekenissen bevatten `kij`
- na gedane arbeid is het goed rusten (=als een klus geklaard is kan men er tevreden op terug kijken)
- in ogenschouw nemen (=bekijken)
- kijken als Jonas in de walvis (=benauwd kijken)
- de lakense bril erbij opzetten (=bijzonder scherp toekijken)
- de dingen op hun kop zetten (=de dingen verkeerd of omgekeerd bekijken)
- een gezicht als een oorwurm trekken (=erg ontevreden kijken (omdat er bijv. iets gedaan moet worden))
- je ogen uitkijken (=erg verbaasd of nieuwsgierig staan kijken)
- uit de doppen kijken (=goed uitkijken)
- kijken of men water ziet branden (=heel erg verbaasd kijken)
- kijken of men het in Keulen hoort donderen (=heel erg verbaasd kijken)
- kijken alsof hij zijn laatste oortje versnoept heeft (=heel ongelukkig kijken)
- het is zo lang als het breed is (=het blijft hetzelfde, hoe je het ook bekijkt)
- het mes snijdt aan twee kanten (=het levert dubbel voordeel op (NL.) Er zijn niet alleen voordelen aan verbonden, je kan eender wat vanuit verschillende en zelfs tegengestelde standpunten bekijken (BE).)
- geen oud wijf bleef aan het spinnewiel (=iedereen kwam kijken)
- iemand met schele/scheve ogen aankijken (=iemand afgunstig bekijken)
- iets op de keper beschouwen (=iets nauwkeurig bekijken)
- elke medaille heeft een keerzijde (=iets van twee kanten bekijken, aan iedere zaak zitten twee kanten, vaak een positieve en minder positieve kant)
- iets met argusogen bekijken (=iets wantrouwend bekijken. Iets nauwlettend in de gaten houden)
- kleine potjes hebben grote oren (=je moet uitkijken met wat je zegt als er kinderen bij zijn)
- strelende katjes halen het vlees uit de pot. (=kijk uit voor overdreven vleierij)
- tel uit je winst (=kijken en doen waar je het meeste voordeel bij hebt, `zie je wel!`)
- de balans opmaken (=kijken hoe iets verlopen is; nagaan of je ergens voordeel of nadeel van hebt gehad)
- achter de schermen kijken (=kijken waar men normaal niet kan of mag kijken)
- kijken als een schelvis (=lodderig, dom of onbetrouwbaar kijken)
- onder de loupe nemen (=nader bekijken, aandachtig bestuderen)
- iets door een gekleurde bril zien (=op een bevooroordeelde manier naar de zaak kijken)
- door een donkere bril bekijken (=op een pessimistische manier bekijken)
- iemand op de vingers kijken (=steeds kijken wat iemand doet, en of die het goed doet)
- je blind staren op (=te veel naar één eigenschap kijken)
- zuinig kijken (=teleurgesteld of verdrietig kijken)
- kijken alsof je een geest ziet (=verbaasd of geschrokken kijken.)
- staan kijken als lamme/verdomde Louis (=verlegen of beteuterd staan kijken)
Eén dialectgezegde bevat `kij`
- En Geliere spanne ze de osse vier de stiere, de wijver vier de kij en 't ès nog geen lang rij. (=plaagrijmpje, Gelieren) (Genker)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen