Spreekwoorden met `erk`

Zoek


121 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `erk`

  1. aan het verkeerde kantoor zijn (=iemand die je niet kan helpen)
  2. aardewerk is geen paardenwerk. (=graven of in aarde werken is een vermoeiende bezigheid)
  3. allemans werk is niemands werk. (=als iedereen verantwoordelijk is, doet niemand het daadwerkelijk.)
  4. als de ragebol rust werkt de spin (=zonder onderhoud raakt `n huis (de omgeving) snel in verval)
  5. als een bok op de haverkist (=wakend om de gelegenheid niet te laten voorbijgaan)
  6. appelen/knollen voor citroenen verkopen (=oplichten, bedriegen)
  7. appels voor citroenen verkopen (=iemand oplichten.)
  8. bij nacht en ontij (werken/zijn) (=wanneer anderen slapen)
  9. binnen de perken blijven (=zodanig beperkt blijven dat het niet te veel overlast of schade veroorzaakt)
  10. dat is van de Chinese kerk. (=dat is een gerucht.)
  11. de dader ligt op het kerkhof (=de schuldige is niet te vinden)
  12. de gulden middenweg (houden/bewandelen/verkiezen) (=een tussenstandpunt of tussenoplossing verkiezen)
  13. de huid van de beer niet verkopen voor hij geschoten is (=je moet niet al willen genieten van wat men nog niet verworven heeft)
  14. de kerk in het midden laten (=bij een meningsverschil geven beide personen wat toe om het eens te worden)
  15. de kerk midden in het dorp laten. (=het laten zoals het is)
  16. de kogel door de kerk laten gaan (=de beslissing nemen)
  17. de kroon op het werk zetten (=het werk prachtig voltooien)
  18. de meitak op een werk zetten (=het werk afmaken)
  19. de mijn is verkeerd gesprongen (=ongeveer als: wie een put graaft voor een ander, valt er zelf in)
  20. de morgen doet het werk. (=`s morgens ben je het productiefst)
  21. de muts zich verkeerd staan (=een slecht humeur hebben)
  22. de natuur is sterker dan de leer (=datgene wat aangeleerd is wordt gauw vergeten)
  23. de paal door de oven werken (=bankroet gaan)
  24. de reis is nog niet ten einde als men kerk en toren herkent (=geef niet op voor het doel geheel is bereikt)
  25. de sterke arm der wet (=met gepast geweld optredende overheidsorganisatie, bijvoorbeeld politie of justitie)
  26. de sterkte van de ketting wordt bepaald door de zwakste schakel (=het geheel is niet sterker dan het zwakste onderdeel)
  27. de wolf zal met het lam verkeren. (=er zal vrede zijn)
  28. een goed begin is het halve werk (=een goed begin vergroot de kans op een goede afwerking)
  29. een handwerk heeft een gouden bodem (=een goed vakman verdient altijd zijn brood)
  30. een ketting is niet sterker dan de zwakste schakel (=het geheel is maar zo sterk als het zwakste onderdeel)
  31. een mens moet werken voor de brok en voor de rok. (=je moet werken om te kunnen eten en kleding te kunnen kopen.)
  32. een slak op de goede weg, wint het van een haas op de verkeerde weg (=je kunt beter iets langzaam en goed doen, dan snel en niet goed)
  33. een vrouwenhaar trekt sterker dan tien paarden. (=de invloed van een vrouw is zeer sterk)
  34. ellebogenwerk (=succes boeken door op slinkse wijze van anderen misbruik te maken)
  35. er naar uitkijken als de pastoor naar het geld in het kerkenzakje (=iets vol verwachting tegemoet zien)
  36. er nachtwerk van maken (=laat opblijven)
  37. er paal en perk aan stellen (=orde op zaken stellen)
  38. er werk van maken (=er mee aan de gang gaan)
  39. er zouden geen achterklappers zijn waren er geen aanhoorders (=er wordt alleen geroddeld als er ook naar geluisterd wordt)
  40. eten dat je zweet en werken dat je het koud krijgt, dat zijn de waren. (=slecht personeel. Uit de tijd dat meiden en knechts bij de boer in de kost waren.)
  41. genoeg ligt op het kerkhof. (=sommige mensen hebben nooit genoeg)
  42. goed gereedschap is het halve werk (=door de juiste hulpmiddelen te gebruiken wordt het karwei snel geklaard)
  43. goed voordoen doet verkopen. (=presentatie is belangrijk als je iets wil verkopen)
  44. grijze haren zijn kerkhofsbloemen (=als je grijze haren krijgt, ben je niet zo ver van het kerkhof)
  45. het einde kroont het werk (=het werk is pas goed gedaan als het klaar is)
  46. het is geen aangenomen werk (=het hoeft niet noodzakelijk zo snel te gaan)
  47. het is monnikenwerk (=een saaie, harde, langdurige taak)
  48. het kainsmerk aan zijn voorhoofd dragen (=het is op zijn gezicht te lezen dat hij een schurk is)
  49. het kan verkeren (=het kan veranderen, de dingen blijven niet zoals ze zijn)
  50. het verkorven hebben (=een slechte beurt gemaakt hebben bij iemand)

336 betekenissen bevatten `erk`

  1. van de nacht een dag maken (=`s nachts werken)
  2. op de vingers kijken (=(Op een vervelende manier) scherp toezien hoe iemand iets doet, zodat elke fout direct opgemerkt wordt)
  3. in het getouw (=aan het werk)
  4. in het gareel spannen (=aan het werk zetten)
  5. aan beurt komen (=aan werk geraken)
  6. je snor drukken (=afwezig blijven / zijn werk niet doen)
  7. met de vork schrijven (=afzetten, meer kosten rekenen dan werkelijk gemaakt)
  8. alles op haren en snaren zetten (=alle middelen aanwenden / alles in het werk stellen)
  9. zonder geluk vaart niemand wel (=alleen met hard werken komt men er niet, ook een beetje geluk is nodig om ergens te komen)
  10. om den brode doen (=alleen werken voor het geld en niet omdat het werk fijn/leuk is)
  11. de kruik gaat zolang te water tot zij barst (=alles heeft zijn beperkingen)
  12. als de herder dwaalt dolen de schapen (=als de leider het verkeerd doet weten de mensen die hem volgen niet wat ze doen moeten)
  13. als het schip lek is, gaan de ratten van boord. (=als het verkeerd loopt, laten valse vrienden je in de steek)
  14. allemans werk is niemands werk. (=als iedereen verantwoordelijk is, doet niemand het daadwerkelijk.)
  15. dan moet de wal het schip maar keren (=als iemand niet vooraf rekening houdt met een naderend probleem, dan moet het probleem maar daadwerkelijk in volle omvang ontstaan, en dan alsnog worden opgelost)
  16. eén kwade dag maakt de winter niet. (=als iets verkeerd gaat, hoeft nog niet alles verkeerd te gaan.)
  17. als honden konden bidden zou het kluiven regenen (=als is een niet ter zake doende opmerking)
  18. wie zijn ogen sluit, waant zich in Rome (=als je de realiteit negeert, ben je niet bewust van wat er werkelijk gaande is.)
  19. grijze haren zijn kerkhofsbloemen (=als je grijze haren krijgt, ben je niet zo ver van het kerkhof)
  20. wie appelen vaart, die appelen eet (=als je handelt in bepaalde goederen, dan zul je deze zelf waarschijnlijk ook gebruiken. / Iemand die bepaalde werkzaamheden voor een ander moet verrichten, geniet daar doorgaans zelf ook van)
  21. mejen kan geen paard al lopende beslaan. (=als je het werk goed wil doen, moet je er de tijd voor nemen)
  22. in de nood eet de duivel vliegen. (=als je in nood verkeert, stel je je tevreden met dingen die je anders zou weigeren.)
  23. gereed geld dingt scherp. (=als je meteen betaalt gaat de verkoop sneller)
  24. geen spreker die een zwijger verbetert. (=als je niets zegt zeg je niets verkeerds)
  25. gedeelde smart is halve smart (=als je over problemen praat, dan kan je het makkelijker verwerken / door de problemen/ellende van een ander is het gemakkelijker de eigen problemen/ellende te dragen)
  26. de appel wegdragen/winnen (=als schoonste erkend worden)
  27. van leer trekken (=beginnen met vechten, duidelijk laten merken dat iets als vervelend ervaren wordt)
  28. aan de slag gaan (=beginnen te werken, starten)
  29. beter onbegonnen dan ongeeindigd (=beter niet beginnen als men het niet kan afwerken)
  30. om kaneelwater lopen (=beuzelwerk doen - van het kastje naar de muur gestuurd worden)
  31. captie maken (=bezwaren/aanmerkingen maken)
  32. op de boom verkopen (=boomvruchten verkopen voor ze geplukt zijn)
  33. tussen de mazen (van het net) vissen (=creatief te werk gaan)
  34. zoden aan de dijk zetten (=daadwerkelijk hulp verschaffen)
  35. daar is wat aan te kluiven (=daar is werk aan)
  36. dat is een bal voor open doel (=dat is een opmerking waar een zeer voor de hand liggend weerwoord op gegeven kan worden)
  37. dat is het begin van het einde (=dat is het begin van iets dat uiteindelijk verkeerd zal aflopen)
  38. dat raak je aan de straatstenen niet kwijt (=dat is niet te verkopen)
  39. dat is de aap gevlooid (=dat is onbegonnen werk.)
  40. als je je pet ertegenaan gooit dan blijft hij hangen (=dat stukje verfwerk is niet erg vlak uitgevoerd)
  41. de kraan dichtdraaien (=de (financiële) hulp sterk verminderen of stopzetten)
  42. de boer op gaan (=de (niet-fysieke) markt opgaan om iets te verkopen / verdwalen / de stad verlaten)
  43. de dingen op hun kop zetten (=de dingen verkeerd of omgekeerd bekijken)
  44. het bloed spreekt (=de familieband doet zich opmerken)
  45. als de vis goedkoop is stinkt ze (=de herkomst ergens van is niet te vertrouwen)
  46. eén onderrok trekt meer dan twee paarden. (=de invloed van een vrouw is heel sterk)
  47. een vrouwenhaar trekt sterker dan tien paarden. (=de invloed van een vrouw is zeer sterk)
  48. aan een zijden draadje hangen (=de kansen zijn nog niet verkeken, maar het scheelt erg weinig)
  49. de bazuin steken (=de lof verkondigen)
  50. de krenten uit de pap halen (=de meest aantrekkelijke gedeelten voor zichzelf bestemmen, bijvoorbeeld de meest interessante taken uit een omvangrijk werk)




Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen