663 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `va`
- de ring van gyges hebben (=zich onzichtbaar kunnen maken)
- de schapen van de bokken scheiden (=het goede van het slechte scheiden)
- de schellen vallen hem van de ogen (=plotseling iets begrijpen hoe het in elkaar steekt)
- de scherpe kantjes er van afhalen. (=iets verzachten of minder extreem maken)
- de slaap der rechtvaardigen slapen (=een schoon geweten hebben)
- de snoeren zijn mij in lieflijke plaatsen gevallen (=ik ben op goede plaatsen beland)
- de sterkte van de ketting wordt bepaald door de zwakste schakel (=het geheel is niet sterker dan het zwakste onderdeel)
- de vaan van de opstand planten (=`n opstand verwekken)
- de varkens geschoren hebben (=weinig opbrengst hebben)
- de vleespotten van Egypte (=een vroegere tijd van grote welvaart)
- de vrucht der ervaring rijpt niet aan jonge takken (=de verstandigste opmerkingen komen van oudere mensen)
- de vruchten van iets plukken (=het voordeel van iets hebben)
- de vuilste varkens willen altijd het beste stro. (=mensen die het niet verdienen willen evengoed het beste)
- de weg van alle vlees gaan (=sterven)
- de wens is de vader van de gedachte (=je gelooft iets, omdat je wil dat het zo is)
- de wind van voren krijgen (=kritiek krijgen, direct gezegd worden wat er mis is)
- de wolf/vos ruilt wel van baard maar niet van aard (=het karakter van de mensen verandert nooit)
- dieven met dieven vangen (=mensen die niet eerlijk zijn of gemeen, moet je op dezelfde manier ook behandelen)
- door de bril van een ander zien (=de mening van een ander blind vertrouwen)
- door de mand vallen (=doorzien worden)
- door de mazen van het net glippen/kruipen (=op het nippertje ontsnappen)
- door het oog van de naald kruipen (=op het nippertje ontsnappen)
- dun snijden is het behoud van de worst. (=goed kunnen rondkomen door zuinig te zijn)
- dun van leer en dik van smeer (=dunne boterham die dik gesmeerd is)
- een aardje naar zijn vaartje (=het karakter van zijn vader hebben)
- een aflossing van de wacht (=een vervanging van de ene persoon door een andere)
- een bliek (spiering) uitgooien om een snoek te vangen (=met zo min mogelijk kosten proberen maximale winst te behalen)
- een blind varken vindt ook nog wel eens een eikel. (=zelfs iemand die niet erg intelligent is heeft soms geluk en doet iets goed)
- een bodemloos vat zijn (=altijd te weinig van iets zijn of opraken)
- een boom van een kerel (=een grote man)
- een dijk van een baan (=een geweldige baan)
- een doos van Pandora zijn (=een bron van problemen, ellende, ziekte en misère zijn)
- een fluitje van een cent (=een eenvoudige taak)
- een geeltje van de plank nemen (=een oude preek herhalen)
- een gezicht van ouwe lappen (=een huilerig of lelijk gezicht)
- een hardloper van luie Kees (=een treuzelaar)
- een hart van goud hebben (=zeer vriendelijk en behulpzaam zijn.)
- een hart van steen hebben (=geen medelijden met anderen hebben)
- een kind van Laban (=iemand met een blanke huid)
- een kind van zijn tijd (=iemand die leeft volgens de in zijn tijd heersende opvattingen)
- een klap van de molen (beet) hebben (=niet goed bij het verstand zijn)
- een klap van de molen gekregen hebben (=niet goed meer bij verstand zijn)
- een klap van een lamme aap krijgen (=gekwetst worden)
- een kluwtje dat vanzelf afloopt. (=iets wat zich vanzelf oplost)
- een koekje van eigen deeg (=iets geven (of krijgen) wat oorspronkelijk bedacht is door degene die het krijgt (of geeft))
- een land van melk en honing zijn (=een land waar het goed en voorspoedig leven is)
- een liedje van verlangen (=iets nog even proberen uit te stellen)
- een liedje van verlangen zingen (=op allerlei manieren een wens uitspreken)
- een man van de klok zijn (=iemand die steeds precies op tijd is)
- een muur van onbegrip (=een hardnekkig gebrek aan begrip)
860 betekenissen bevatten `va`
- ketters wonen het dichtst bij de paus (=de beste vrienden van een machtig man zijn vaak zijn grootste vijanden)
- de mei van het leven (=de bloeitijd van het leven)
- tussen de regels door lezen (=de diepere betekenis van een tekst begrijpen)
- de eerste stoot opvangen (=de eerste problemen opvangen)
- de eigen boontjes doppen (=de eigen zaken regelen zonder hulp van anderen)
- herenzonden boerenleed. (=de gewone mensen boeten voor de fouten van de mensen met macht)
- de bokken van de schapen scheiden (=de goeden van de kwaden scheiden)
- het ruime sop kiezen (=de haven uitvaren)
- als de vis goedkoop is stinkt ze (=de herkomst ergens van is niet te vertrouwen)
- eén onderrok trekt meer dan twee paarden. (=de invloed van een vrouw is heel sterk)
- een vrouwenhaar trekt sterker dan tien paarden. (=de invloed van een vrouw is zeer sterk)
- zoals de ouden zongen piepen de jongen (=de jongeren leren het van de ouderen)
- bomen ontmoeten elkaar niet, mensen wel (=de kans dat je iemand toevallig tegenkomt is groot)
- de spijker op de kop slaan (=de kern van de zaak benoemen)
- zo heer zo knecht (=de knechten volgen het voorbeeld van de bazen)
- de draad kwijt zijn (=de loop van het verhaal niet meer kunnen volgen)
- de groten rijden te paard en de kleinen hangen tussen hemel en aarde. (=de machtige lui leven op kosten van de gewone man)
- de prins op het witte paard (=de man van je dromen)
- de krenten uit de pap halen (=de meest aantrekkelijke gedeelten voor zichzelf bestemmen, bijvoorbeeld de meest interessante taken uit een omvangrijk werk)
- eerste viool willen spelen (=de meest prominente taak willen vervullen, bijvoorbeeld als leider of woordvoerder van de groep)
- er is meer gelijk dan eigen gelijk (=de mening van anderen telt ook)
- er is meer dan een koe die blaar/bles heet (=de mening van anderen telt ook)
- door de bril van een ander zien (=de mening van een ander blind vertrouwen)
- de rotte appels uit de mand halen (=de minder getalenteerde personen wegsturen, de minder goede dingen sorteren van de goede dingen)
- het slechtste wiel van de wagen kraakt meest. (=de minst competente persoon is vaak ook de luidste)
- ijdele tonnen rollen het hardst. (=de minst competente persoon is vaak ook de luidste)
- holle vaten klinken het hardst. (=de minst competente persoon is vaak ook de luidste)
- geen zorgen voor morgen, elke dag heeft genoeg aan zijn eigen kwaad (=de moeilijkheden van vandaag zijn genoeg om je zorgen over te maken)
- regen in mei, dan is april voorbij (=de natuur kiest vanzelf de goede volgorde)
- niet door de beugel kunnen (=de norm overschrijden van wat aanvaardbaar of behoorlijk is)
- vreemde ogen dwingen (=de ogen van een vreemde heeft meer invloed op je dan van een bekende)
- de grote vissen eten de kleine (=de ondergeschikten moeten doen wat de baas zegt / het slachtoffer worden van overmacht.)
- op de pianist schieten (=de onschuldige (de brenger van het nieuws) straffen)
- ook tussen de mooie bloemen groeien brandnetels (=de schoonheid van de omgeving biedt geen garantie voor onaangename zaken)
- de wrijfpaal zijn (=de schuld krijgen (van alles))
- een streep door de rekening halen (=de schuld van iemand kwijtschelden en het er niet meer over hebben)
- van de wal in de sloot (helpen) (=de situatie verergeren in plaats van verbeteren)
- in het strijdperk treden (=de strijd aanvatten)
- andermans boeken zijn duister te lezen (=de toestand of bedoelingen van een ander zijn moeilijk in te schatten)
- wie de pot breekt betaalt de scherven (=de veroorzaker van schade moet de situatie zelf rechtzetten.)
- de vrucht der ervaring rijpt niet aan jonge takken (=de verstandigste opmerkingen komen van oudere mensen)
- de haan is de baas als de hen niet thuis is. (=de vrouw is de baas in huis, ook al vindt de man van niet)
- weten waar de aal kruipt (=de ware bedoelingen van iemand doorzien)
- overstag raken (=de wind van voren krijgen)
- de leer veroordelen maar de leraar sparen (=de wortel van het probleem niet aanpakken)
- de lens is uit de wagen (=de zaak is vastgelopen)
- de zee ploegen (=de zee bevaren)
- de achilleshiel (=de zwakke kant/plek van iets)
- de drager kan het beste zeggen waar de schoen wringt (=degene die een probleem heeft, kan de kern van dit probleem vaak het scherpste benoemen)
- het klopt als een bus (=deze uitdrukking is een contaminatie van het sluit als een bus met: het klopt als een zwerende vinger)
50 dialectgezegden bevatten `va`
- tès ter va vergeev'n (=het staat er vol van) (Brakels)
- tis nen beum va ne vent mor ne liegstaam (=een kleine man) (Zottegems)
- tis olsan va aaj en oej (=hij klaagt van het minste ongemak) (Kortemarks)
- tzwit va zijn klutn lupt zijn veurhufd omuge (=hij is erg bezweet) (Brakels)
- va e skeete nen donderslag moaken (=van een mug een olifant maken) (West-Vlaams)
- va geenen oantrok zin (=door niemand bezocht worden en geen vrienden hebben) (Sint-Niklaas)
- va je gat maken (=zich druk maken) (Brugs)
- va kom vurdrom (=altijd opnieuw) (Sint-Niklaas)
- va krommen oeës geboeërn (=zogezegd van niets weten, ontkennen) (Meers)
- va krommen ous geboaren (=Doen alsof ge van niks weet) (Bevers)
- va krommenoas geboaren (=doe alsof men iets niet gehoord of gezien heeft) (Sint-Niklaas)
- va krommenoas geboaren (=zogezegd van niets weten) (Moes)
- va lampet geven (=geweldig te keer gaan) (Meers)
- va moetes (=omdat het moet, uw plicht nakomen bv. trouwen omwille van zwangerschap) (Meers)
- va nen aus gepoept zijn (=snel zijn) (Moorsel)
- va Peer nôr Kljaas lopen (=zonder resultaat of oplossing bij verschillende personen voor een probleem aankloppen) (Sint-Niklaas)
- va piekennoas begoaren (=doen alsof je van niets weet) (Iepers)
- va pielong geev'n (=zich erg inspannen) (Wichels)
- va ponsjes nar pieloates (=van het kastje naar de muur) (Wichels)
- va veurafoën erbeginnen (=helemaal herbeginnen) (Meers)
- va veuren open en vanachter nie toe (=zwoel kleedje) (Moes)
- va viuërn nie weedn hoeda vanachter leeft (=oerdom zijn) (Kaprijks)
- va vuur aaf aan (=op nieuw) (Sjilvends)
- va zannen tak moaken (=van zijn oren maken) (Giesbaargs)
- va zè zaalve goan, va zène suus goan, oardug wurren, wegdrjaan (=het bewustzijn verliezen) (Sint-Niklaas)
- va zè zelve goeën (=flauw vallen, bewustzijn verliezen) (Meers)
- va ze zelve vallen (=in zwijm vallen) (Meers)
- va zèn ert ne steen moaken (=iets doen zonder veel goesting) (Sint-Niklaas)
- va zen kluuëten moken. (=zich kwaad maken) (Nieuwerkerks)
- va zènne senter goeën (=bewustzijn verliezen) (Meers)
- va zènne senter vallen/droeën (=buiten bewustzijn raken, flauwvallen) (Meers)
- va zènne sus droeën (=buiten bewustzijn raken, flauwvallen) (Meers)
- va zènne sus vallen (=flauw vallen, bewustzijn verliezen) (Meers)
- va zien kruuzen leiven (=Rentenieren) (Ronsisch)
- va zij zelleven vallen. (=Bewusteloos raken.) (Bevers)
- va zij zelve goan (=in zwijm vallen) (Brakels)
- va zijn sies droaën (=bewusteloos raken) (Kaprijks)
- vallingk (=den achternoëm vâ ne Vlomse zanger (Jo)) (Dendermonds)
- van ot nor jeir loûpen, va Peer nor Kljaas loûpen (=doelloos van over en weer lopen) (Sint-Niklaas)
- vasevesaant- va keskeschiet-half se gat (=slecht uitgevoerd werk) (Balens)
- véi-péi (=opèlp vâ sommegste mènsje in de gruëte vakanse) (Dendermonds)
- véirkintj (=noëkommelingk vâ véirproevers) (Dendermonds)
- vraamènsj (=gerief vâ ne mannemènsj) (Dendermonds)
- vrogger... toe God nog Gait hiettn en kissies bier va holt waarn. (=wanneer men over vroeger praat:) (Vechtdals)
- wa nun bok va ne vent (=wat een koppig man) (Sint-Niklaas)
- z' en va werkn e stad gemakt en van de reste Bovekerke (=ze hebben van werken een stad gemaakt en van de rest van de stenen bovenkerke) (Veurns)
- zed e muulle va lintjes (=Het is een babbelkous) (Ostêns)
- zelve: Ei es va zij zelve gegaun (=Hij is in zwijm gevallen) (Lebbeeks)
- zeu dom as 't pjeid va Christus (=heel dom) (Ninoofs)
- zidde gè va Lotje getikt?; zidde gè op ô kop gevallen? (=gij zijt zot zeker?) (Sint-Niklaas)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen