Spreekwoorden met `bl`

Zoek


171 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `bl`

  1. het zijn niet allen jagers die op de hoorn blazen. (=schijn bedriegt, je kunt je in mensen vergissen)
  2. hete bliksem (=gestoofde aardappels met appel)
  3. hoog van de toren blazen (=het grote woord willen hebben / opscheppen)
  4. iemand blij maken met een dode mus (=iemand iets goeds in het vooruitzicht stellen, dat uiteindelijk waardeloos zal blijken te zijn)
  5. iemand bont en blauw slaan (=iemand zo slaan dat hij een dik gezicht met blauwe en geel blauwe vlekken krijgt)
  6. iemand de ogen verblinden (=iemand door uiterlijke schijn misleiden)
  7. iemand het bloed onder de nagels vandaan halen (=iemand vreselijk treiteren of irriteren)
  8. iemand na in den bloede zijn (=van iemand een bloedverwant zijn)
  9. iemands bloed wel kunnen drinken (=iemand niet mogen en daardoor alles doen om die persoon te hinderen)
  10. iets blauw blauw laten (=iets maar laten voor wat het is, er niet meer over praten)
  11. in de bus blazen (=flink betalen)
  12. in den blinde (=blindelings)
  13. in een goed blaadje proberen te komen (=een goede reputatie proberen te verkrijgen)
  14. in een goed blaadje staan (=bijzonder gewaardeerd worden)
  15. in gebreke blijven (=zijn taak (belofte) niet uitvoeren)
  16. in het land der blinden is eenoog koning (=tussen dommeriken volstaat een klein beetje verstand om baas te zijn)
  17. in het zakje blazen (=een ademtest ondergaan)
  18. in koelen bloede iets doen (=geheel kalm en rustig iets doen, alsof er niets aan de hand is)
  19. je blind staren op (=te veel naar één eigenschap kijken)
  20. je eigen vlees of bloed (=zijn eigen familie (kinderen))
  21. je laatste adem uitblazen (=sterven, doodgaan)
  22. je partij behoorlijk meeblazen (=zijn deel van de taak naar behoren uitvoeren)
  23. koud bier maakt warm bloed. (=alcohol maakt aggressief)
  24. koud en heet uit één mond blazen. (=verschillende standpunten innemen om zijn eigen belangen te dienen)
  25. kwaad bloed zetten (=iemand boos maken)
  26. liefde is blind (=door verliefdheid de gebreken van een ander niet zien)
  27. meisjes die bloemen dragen, mag je kussen zonder te vragen (=een aanmoediging om meisjes met bloemen te kussen)
  28. met blindheid geslagen zijn (=verblind zijn, volkomen gebrek hebben aan inzicht)
  29. met de billen bloot (=eerlijk en open zijn over fouten of tekortkomingen.)
  30. met de gebakken peren blijven zitten (=voor de moeilijkheden opdraaien)
  31. met de klompen van het ijs blijven (=zich met iets niet inlaten)
  32. met een kennersblik bekijken (=met kennis van zaken beoordelen)
  33. met het blote oog (=met het oog te zien, zonder hulpmiddelen)
  34. met lege handen achterblijven (=niets meer hebben)
  35. nieuw bloed (=nieuwe deelnemers, werkers)
  36. onder de blauwe/blote hemel (=in open lucht)
  37. ook tussen de mooie bloemen groeien brandnetels (=de schoonheid van de omgeving biedt geen garantie voor onaangename zaken)
  38. op de achtergrond blijven (=niet in de schijnwerpers willen staan.)
  39. op de been blijven (=blijven staan; niet ziek worden; niet verslagen worden)
  40. op een blind paard wedden. (=je inzetten voor iets wat gedoemd is te mislukken)
  41. op een letter doodblijven (=absoluut niets veranderd willen zien)
  42. op iets dood blijven (=erg belust op iets zijn (bv geld; gierig))
  43. op je post blijven (=niet weggaan)
  44. op twee paarden blijven rijden. (=men kan geen keus maken)
  45. op zee blijven (=op zee vergaan/omkomen)
  46. patattenbloed hebben (=ziekelijk zijn)
  47. ruwe bolster, blanke pit (=ziet er sterk uit, maar heeft een goed hart)
  48. schoenmaker blijf bij je leest (=hou je niet bezig met dingen waar je niets van weet)
  49. snoeien doet bloeien. (=tijdelijke opofferingen zijn nodig om op de lange termijn te kunnen gedijen en bloeien)
  50. stoom afblazen (=tot rust komen)

212 betekenissen bevatten `bl`

  1. struisvogelpolitiek (=het negeren of ontkennen van een probleem in de hoop dat het vanzelf verdwijnt.)
  2. het probleem onder de knie hebben (=het probleem is opgelost)
  3. de kaap te boven zijn (=het probleem overwonnen hebben)
  4. jong geleerd is oud gedaan (=hoe eerder men iets leert, des te langer de vaardigheid zal blijven)
  5. elk huisje heeft z`n kruisje (=ieder gezin heeft eigen zorgen en problemen)
  6. iedereen moet zijn last dragen (=ieder heeft zijn problemen)
  7. ieder moet zijn eigen stoep schoonvegen (=ieder moet zijn eigen problemen oplossen - zich afvragen of hij zelf schuldig is)
  8. voor de deur staan (=ieder ogenblik kunnen beginnen, komen)
  9. ieder vist op zijn getij (=iedereen maakt gebruik van het geschikte ogenblik)
  10. iemand de genadeslag geven (=iemand die al in grote moeilijkheden zit nog een probleem erbij geven zodat diegene het niet meer aan kan)
  11. iemand blij maken met een dode mus (=iemand iets goeds in het vooruitzicht stellen, dat uiteindelijk waardeloos zal blijken te zijn)
  12. de strop om de hals doen (=iemand in uiterste problemen brengen)
  13. een kind van Laban (=iemand met een blanke huid)
  14. je hart luchten (=iemand over je problemen vertellen)
  15. bloot slaat dood (=iemand voor het blok zetten: iemand dwingen een keuze te maken)
  16. iemand bont en blauw slaan (=iemand zo slaan dat hij een dik gezicht met blauwe en geel blauwe vlekken krijgt)
  17. bij het scheiden van de markt leert men de kooplui kennen (=iemands ware karakter blijkt pas als het erop aankomt)
  18. de das omdoen (=iets dat problemen geeft)
  19. het onweer is niet van de lucht (=iets dat steeds blijft doorgaan of iemand die telkens weer kwaad tekeer gaat)
  20. zwaar op de maag liggen (=iets een moeilijk probleem vinden)
  21. baat het niet, schaadt het niet (=iets kan helpen, maar als het niet helpt zal het geen problemen geven)
  22. als winnaar/beste uit de bus komen (=iets of iemand blijkt het beste te zijn)
  23. ik ben geen uithangbord (=ik heb meer te doen, ik blijf niet wachten/zo staan)
  24. knijp zitten (=in de problemen zitten)
  25. in de goot (=in de zware problemen)
  26. kallen is mallen maar doen is een ding (=je kan het beter doen dan er altijd maar over blijven praten)
  27. wie voor een dubbeltje geboren is, wordt nooit een kwartje (=je kunt nooit boven de stand komen waarin je geboren bent. Arm geboren, zal wel arm blijven)
  28. iets op de hals halen (=je met een probleem laten opzadelen)
  29. gasten en vis blijven maar drie dagen fris. (=je moet als gast niet te lang blijven.)
  30. wie nood heeft moet pompen. (=je moet zelf initiatief nemen om je problemen op te lossen)
  31. het hoofd koel houden (=kalm blijven, zich niet door de spanning laten meeslepen)
  32. kleine vossen bederven de wijngaard (=kleine fouten kunnen zorgen voor grote problemen in het geheel)
  33. met de hakken in het zand (=koppig blijven)
  34. vissenbloed hebben (=koudbloedig zijn, weinig gevoel hebben, niet gauw koud hebben)
  35. er nachtwerk van maken (=laat opblijven)
  36. lachen als een boer met kiespijn (=lachen zonder echt blij te zijn)
  37. lang genoeg in de kreupelstraat gewoond hebben (=lang genoeg in de problemen gezeten hebben)
  38. er lucht aan geven (=laten blijken)
  39. als buurmans huis brand is het tijd om uit te zien. (=leer van andermans problemen)
  40. geen zorgen voor de dag van morgen (=maak je nu nog niet druk over mogelijke toekomstige problemen)
  41. wie staat ziet toe dat hij niet valle (=mensen die alles denken te weten of kunnen, moeten zelf maar oppassen voor fouten en problemen)
  42. met het ongewapend oog (=met het blote oog (zonder hulpmiddelen))
  43. in de nesten zitten (=met problemen zitten)
  44. het eind zal de last dragen (=moeilijkheden en problemen komen vooral als het werk bijna af is)
  45. een slag om de arm houden (=niet direct alles vertellen of voorzichtig zijn om toekomstige problemen voor te zijn)
  46. voet bij stuk houden (=niet toegeven, bij de eigen ideeën blijven)
  47. nu komt de aap uit de mouw (=nu blijkt wat werkelijk de bedoeling was)
  48. daar ben ik mooi klaar mee (=nu heb ik een probleem)
  49. duren is een mooie stad (=nu is het goed, maar blijft dat zo?)
  50. nu heb je het schaap aan het schijten (=nu komen er problemen van)




Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen