Spreekwoorden met `wi`

Zoek


360 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `wi`

  1. de tafel de nodige eer bewijzen. (=smakelijk gaan eten.)
  2. de tramontane kwijt zijn (=het spoor bijster zijn)
  3. de vuilste varkens willen altijd het beste stro. (=mensen die het niet verdienen willen evengoed het beste)
  4. de weg kwijt zijn (=zich onhandig opstellen, onverstandige keuzes maken)
  5. de wereld wil bedrogen zijn. (=mensen trappen steeds weer in hetzelfde praatje)
  6. de wijde wereld ingaan/intrekken (=(onbezorgd) op reis vertrekken)
  7. de wijde wereld intrekken (=het verkennen van nieuwe plaatsen, ervaringen en mogelijkheden buiten het vertrouwde)
  8. de wijsheid in pacht hebben (=erg verstandig zijn of althans doen alsof)
  9. de wil voor de daad nemen. (=waarderen dat het goed bedoeld is ook al pakte het anders uit)
  10. de wind eronder hebben (=de ondergeschikten hebben angst)
  11. de wind in de zeilen hebben (=voorspoed hebben)
  12. de wind niet door de hekken laten waaien (=elke gelegenheid te baat nemen)
  13. de wind van voren krijgen (=kritiek krijgen, direct gezegd worden wat er mis is)
  14. de wind waait uit die hoek (=een mening van iemand uit een bepaalde groep/partij)
  15. de wind waait uit een andere hoek (=de meningen/omstandigheden zijn veranderd)
  16. die wijn drinkt kweekt luizen. (=veel alcohol drinken maakt je arm)
  17. door schade en schande wordt men wijs (=een mens leert het beste van z`n fouten)
  18. door vragen wordt men wijs (=door het stellen van vragen kun je veel te weten komen en veel kennis opdoen)
  19. een bonte kraai maakt nog geen winter (=één voorbeeld is niet genoeg om een definitief besluit te nemen)
  20. een droge maart en een natte april is de boeren naar hun wil (=weerspreuk)
  21. een groene Kerstmis een witte Pasen. (=als Kerst warm is wordt Pasen koud)
  22. eén kwade dag maakt de winter niet. (=als iets verkeerd gaat, hoeft nog niet alles verkeerd te gaan.)
  23. een leugentje om bestwil (=een leugen met een goede bedoeling)
  24. een oud wijf zijn (=zich niet flink gedragen - zeuren)
  25. een paard dat stormt en een meisje dat wil trouwen zijn niet tegen te houwen. (=niet tot iets anders te bewegen)
  26. een Pyrrhusoverwinning behalen (=winnen wat zoveel heeft gekost dat je de volgende ronde niet meer aan kan)
  27. een rak in de wind (=met veel werk langzaam vooruit komen (een lang recht stuk tegenwind zeilen))
  28. een slak op de goede weg, wint het van een haas op de verkeerde weg (=je kunt beter iets langzaam en goed doen, dan snel en niet goed)
  29. een spaak in het wiel steken (=door iemands ingrijpen gaat een plan van de ander niet door)
  30. een stok in het wiel steken (=iets of iemand tegenwerken)
  31. een tang van een wijf. / Een oude tang (=een heks, feeks. / Een oude lastige vrouw)
  32. een twistappel vormen (=een onderwerp van ruzie/conflict/onenigheid zijn)
  33. een wig drijven tussen (=een splitsing of misverstand bewerken)
  34. een wig drijven tussen twee personen (=ervoor zorgen dat ze ruzie krijgen)
  35. een wigge drijven tussen (=een splitsing of misverstand bewerken)
  36. een wild haar in de neus hebben (=onbezonnen en wild zijn)
  37. een wit voetje halen (=een goede indruk maken bij de leider(s))
  38. een witte raaf (=iets wat zelden voorkomt, een zeldzaamheid)
  39. een zware wissel trekken (=erg veel eisen)
  40. eerste viool willen spelen (=de meest prominente taak willen vervullen, bijvoorbeeld als leider of woordvoerder van de groep)
  41. elk heeft genoeg in eigen tuin te wieden. (=bekritiseer geen anderen als je zelf niet perfect bent)
  42. elke bos stro waait voor de wind (=onder makkelijke omstandigheden kan iedereen welvaren of iets uitvoeren)
  43. er de wind onder hebben (=de schrik erin hebben zitten bij ondergeschikten)
  44. er een nachtje over willen slapen (=er eerst over na willen denken)
  45. er ei of kuiken van willen hebben. (=alles willen weten)
  46. er geen doekjes om winden (=de waarheid onverbloemd vertellen)
  47. er haring of kuit van willen hebben (=precies willen weten hoe het in elkaar steekt)
  48. er het zwijgen toe doen (=er niets over zeggen)
  49. er is een tijd van spreken en er is een tijd van zwijgen. (=soms is het beter om niets te zeggen)
  50. er voor in de wieg gelegd zijn (=er zeer geschikt voor zijn)

417 betekenissen bevatten `wi`

  1. overstag raken (=de wind van voren krijgen)
  2. het pleit winnen (=de zaak winnen)
  3. kreupel wil altijd voordansen (=de zwaksten willen het hoge woord hebben)
  4. het kind van de rekening (=degene die schade lijdt, terwijl anderen niets hebben)
  5. als men van de duivel spreekt trapt men hem op zijn staart (=degene waarover men spreekt, laat zich dikwijls op dat moment zien)
  6. je doet de boter in de pan, maar bakt er niks van (=denken dat je iets begrijpt, terwijl je dat niet doet)
  7. wiens brood men eet, diens woord men spreekt (=diegene bij wie we ons geld verdienen geven we meestal gelijk)
  8. uit wiens hand men eet wiens woord men spreekt (=diegene bij wie we ons geld verdienen geven we meestal gelijk)
  9. wie schrijft, die blijft. (=documenteer alles goed voor je eigen bestwil)
  10. de tijd vliet snel gebruik hem wel (=doe wat je moet doen, terwijl je nog kan)
  11. een hoge toon aanslaan (=doen alsof je het voor het zeggen hebt / luid en dwingend spreken)
  12. het rijk alleen hebben (=doen en laten wat je wil)
  13. de bezem uitsteken (=doen en laten wat men wil als de baas of leidinggevende er niet is)
  14. recht praten wat krom is (=door een ingewikkelde, onjuiste redenering een onzuivere situatie, daad of besluit trachten van een rechtvaardiging te voorzien)
  15. je achter de oren krabben (=door een onverwachte, zorgelijke ontwikkeling tot nadenken gestemd zijn)
  16. de regen schuwen en in de sloot vallen (=door iets onaangenaams te ontwijken in nog groter problemen komen)
  17. als niet komt tot iet dan is het allemans verdriet (=een `parvenu` heeft dikwijls kapsones)
  18. als niet komt tot iet kent iet zichzelf niet (=een `parvenu` heeft dikwijls kapsones)
  19. de pot verwijt de ketel dat die zwart ziet (=een ander aanwijzen als schuldige, terwijl die zelf hetzelfde gedaan heeft)
  20. het juiste midden vinden (=een goed evenwicht vinden tussen twee tegengestelde aanpakken. Bijvoorbeeld, als het er om gaat hoeveel bevoegdheden de politie moet hebben om de rechtsstaat te handhaven)
  21. de hoofdvogel schieten (=een hoofdprijs winnen, maar vaak ironisch bedoeld. Letterlijk: de hoofdvogel is de hoofdprijs bij het vogelschieten)
  22. in de grond boren (=een idee op vervelende wijze sterk afkeuren)
  23. een klein visje een zoet visje (=een klein voordeel of winstje dat met weinig moeite is verkregen)
  24. iemand de wacht aanzeggen (=een laatste waarschuwing geven)
  25. altijd brood eten verdriet ook. (=een mens wil ook eens een verzetje.)
  26. aan de rem trekken (=een ontwikkeling proberen tegen te houden/ waarschuwen dat iets niet goed gaat)
  27. het tij keren (=een ontwikkeling stoppen. Bijvoorbeeld ten aanzien van het toenemen van zinloos geweld. Zie getij)
  28. brave hendrik (=een persoon die op overdreven wijze de regeltjes volgt)
  29. iets in je vaandel schrijven. (=een principe waar je je per se aan vast wilt houden)
  30. een schot voor de boeg (=een uitspraak of vraag als eerste aanzet tot een gesprek of discussie (eigenlijk: een waarschuwingsschot))
  31. teken aan de wand (=een waarschuwing dat er iets gaat gebeuren)
  32. Poolse landdag (=een wilde, ongeregelde bijeenkomst)
  33. er een laten vliegen (=een wind laten)
  34. willen weten welk vlees men in de kuip heeft (=eerst willen weten hoe iemand is)
  35. een hoge borst opzetten (=eigenwijs en hoogmoedig zijn)
  36. bij eigen zin is geen gewin. (=eigenwijs zijn is niet goed)
  37. veel gewrijf en geschrijf (=eindeloze gedachtewisselingen)
  38. je schaapjes scheren (=er de winst uithalen)
  39. er een nachtje over willen slapen (=er eerst over na willen denken)
  40. doorgestoken kaart (=er is heel duidelijk iets mis! Hier is getracht om iemand te laten geloven dat er bij toeval iets gebeurt, terwijl het in feite van tevoren gearrangeerd is)
  41. in de knoop zitten (=er niet meer wijs uitraken - van slag zijn)
  42. er niet over uit kunnen (=er niet over kunnen zwijgen, er zwaar door getroffen zijn)
  43. er zijn mond niet aan vuil maken (=er niets over willen zeggen)
  44. je in allerlei bochten wringen (=er op alle mogelijke wijzen proberen onderuit te geraken)
  45. de schouders ophalen (=er zich niets van aantrekken - er niets over willen weten)
  46. er zijn kapers op de kust (=er zijn er die willen meeprofiteren)
  47. zo wijs als Salomo`s kat zijn (=erg wijs denken te zijn, maar eigenlijk totaal niet zijn)
  48. er Spaans aan toe gaan (=erg wild en rumoerig aan toe gaan)
  49. er een plasje overheen doen (=ergens een kleine wijziging in aan (laten) brengen, dat wel duidelijk laat zien dat de afzender iemand van belang is)
  50. schitteren door afwezigheid (=ergens niet aanwezig zijn, terwijl je komst wel verwacht werd)




Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen