136 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `ope`
- aan de leiband lopen (=erg volgzaam zijn)
- aan de lopende band (=aan één stuk door; steeds maar weer)
- aan elkaar knopen (=gegevens samenvoegen)
- achter de knopen hebben (=opgegeten hebben)
- alle registers opentrekken (=z`n uiterste best doen)
- als een lopend vuurtje (=zich snel verspreidend (van een bericht of nieuwtje))
- als het geld op is, is het kopen gedaan (=zonder liquide middelen zijn er geen uitgaven meer mogelijk)
- als het hek van de dam is lopen de varkens in het koren (=als er geen toezicht is springen kinderen of ondergeschikten uit de band)
- appelen/knollen voor citroenen verkopen (=oplichten, bedriegen)
- appels voor citroenen verkopen (=iemand oplichten.)
- breek me de bek niet open (=begin daar maar niet over, want daar kan ik heel veel negatieve dingen over vertellen)
- buiten hem om lopen (=hij heeft er geen invloed over)
- dat is de druppel die de emmer doet overlopen (=dat is maar een kleine ergernis, maar samen met wat er al gebeurd is, wordt het niet meer geaccepteerd)
- dat is een bal voor open doel (=dat is een opmerking waar een zeer voor de hand liggend weerwoord op gegeven kan worden)
- de deur platlopen (=steeds weer bezoeken)
- de drempel platlopen (=steeds opnieuw bezoeken)
- de eindjes (niet) aan elkaar knopen (=(niet) rond komen (met z`n inkomen))
- de huid van de beer niet verkopen voor hij geschoten is (=je moet niet al willen genieten van wat men nog niet verworven heeft)
- de kantjes er van aflopen (=zijn best niet doen)
- de koperen ploert (=de zon)
- de ogen openen (=doen inzien)
- door de spitsroeden lopen. (=veel kritiek krijgen, gestraft worden)
- dun door de broek lopen. (=als iets niet mee zal vallen)
- dweilen met de kraan open (=geen kans op succes hebben, omdat men de symptomen bestrijdt zonder de oorzaak aan te pakken)
- een achterdeurtje openhouden (=een redmiddel in nood houden)
- een beerput opentrekken (=een geheim onthullen of schandalen blootleggen.)
- een blauwe scheen lopen (=afgewezen worden)
- een blauwtje lopen (=afgewezen worden (in de liefde))
- een hardloper van luie Kees (=een treuzelaar)
- een kat in de zak kopen (=iets kopen zonder het gezien te hebben - bedrogen worden)
- een koperen bruiloft (=een 12½-jarig huwelijk)
- een open boek zijn (=wanneer je karakter eenvoudig te doorzien is)
- een open deur intrappen (=iets doen wat niet nodig is of iets wat al gezegd of gedaan is nog een keer doen)
- een open oog voor iets hebben (=voor iets open staan)
- een schot voor open doel. (=iets zo eenvoudig dat het bijna onmogelijk is om te falen)
- er een streepje door lopen (=erg vreemd zijn/gedragen)
- er geen touw aan vast kunnen knopen (=door de onduidelijkheid niet kunnen begrijpen wat er wordt bedoeld)
- flink wat achter de knopen hebben (=veel gegeten en gedronken hebben)
- geen mond open doen (=niets zeggen)
- geen touw aan vast te knopen (=totaal onbegrijpelijk)
- getelde schapen lopen het hok uit. (=exact alles van tevoren weten)
- goed voordoen doet verkopen. (=presentatie is belangrijk als je iets wil verkopen)
- hardlopers zijn doodlopers (=wie te snel begint, haalt misschien het einde niet)
- het kippenei grijpen en het ganzenei laten lopen (=een verkeerde keuze maken)
- het vuur uit de sloffen lopen (=een uiterste inspanning leveren door hard te lopen)
- het zal zo`n vaart niet lopen (=het zal wel meevallen)
- iemand de ogen openen (=iemand inzicht geven in iets wat diegene nog niet doorhad)
- iemand een hengst verkopen. (=iemand een harde klap geven)
- iemand knollen voor citroenen verkopen (=iemand wat wijsmaken, met praatjes foppen)
- iemand kunnen verraden en verkopen (=iemand veel te slim af zijn)
93 betekenissen bevatten `ope`
- hoop doet leven (=als je kan hopen op betere tijden, dan krijg je toch weer levenslust / zo lang je nog hoop hebt zijn er ook nog mogelijkheden)
- bij gebrek aan brood eet men korstjes van pasteien (=bij gebrek aan het goedkope, het dure gebruiken)
- van een leien dakje gaan (=bijzonder vlot en zonder problemen verlopen)
- vasthouden aan een strootje (=blijven hopen op een kleine kans.)
- op de boom verkopen (=boomvruchten verkopen voor ze geplukt zijn)
- dat is het begin van het einde (=dat is het begin van iets dat uiteindelijk verkeerd zal aflopen)
- dat raak je aan de straatstenen niet kwijt (=dat is niet te verkopen)
- de boer op gaan (=de (niet-fysieke) markt opgaan om iets te verkopen / verdwalen / de stad verlaten)
- in het honderd sturen/lopen (=de boel met opzet mis laten lopen, in de war laten lopen)
- in de kerk geboren zijn (=de deur open laten staan)
- door het kluisgat aan boord komen (=de lagere rangen doorlopen alvorens bevelhebber te worden)
- de lens is uit de wagen (=de zaak is vastgelopen)
- je beslag krijgen (=definitief ten einde lopen , beslist worden)
- in de fuik lopen (=door eigen stommiteiten in een valstrik lopen)
- een koopman een loopman. (=een goede verkoper gaat bij zijn klanten langs)
- het vuur uit de sloffen lopen (=een uiterste inspanning leveren door hard te lopen)
- een vreemde eend in de bijt (=een vreemd exemplaar in de groep. (Een bijt is een opening in het ijs))
- met de billen bloot (=eerlijk en open zijn over fouten of tekortkomingen.)
- de beer is los (=er gebeurt opeens van alles; er ontstaat ruzie of paniek)
- er is altijd wel ergens een vogel die zingt (=er is altijd wel een lichtpuntje als je maar goed je oren en ogen open zet)
- met de sok op de kop gezet (=er onbewust door toedoen van anderen voor joker bijlopen)
- lopen als een kievit (=erg gemakkelijk en vlug lopen)
- het hoofd stoten (=ergens onprettig tegen aan lopen)
- slot noch zin (=geen touw aan vast te knopen)
- de sokken erin zetten (=hard weglopen)
- zo zat als een deur (=helemaal bezopen zijn)
- averechts uitpakken (=helemaal verkeerd aflopen. Tegengesteld uitpakken)
- het is gedaan met kaatje (=het is afgelopen)
- het liedje is uitgezongen (=het is afgelopen)
- dat loopt op zijn einde (=het is bijna afgelopen)
- het hooi is op en de koe is dood. (=het is een hopeloze zaak)
- het onder de pet houden (=het niet in de openbaarheid brengen)
- vol gas geven (=het zo snel mogelijk doen verlopen)
- tussen hoop en vrees dobberen (=hopen dat het goed gaat, maar tegelijkertijd vrezen dat het mis gaat)
- tussen hoop en vrees zweven (=hopen dat het goed gaat, maar tegelijkertijd vrezen dat het mis gaat)
- het kruis nageven (=hopen dat hij vooral nooit meer weerkomt)
- het heilig kruis achterna geven (=hopen dat iets of iemand nooit meer terugkomt)
- alle molens vangen wind. (=iedereen die meedoet zal een deel van de opbrengst opeisen)
- iemand van de sokken rijden/lopen (=iemand (bijna) omver rijden of lopen)
- iemand iets aansmeren (=iemand iets (weinig waardevols) verkopen)
- iemand van het kastje naar de muur sturen (=iemand voor niets heen en weer laten lopen)
- als een luis in iemands pels zijn (=iemand voortdurend in de weg lopen. Iemand tegenwerken)
- er je eigen plasje overheen doen (=iets een beetje veranderen zodat helemaal naar je zin is. In werksituaties kan dit soms uit de hand lopen, als er veel belanghebbers zijn die allemaal hun eigen plasje over een document willen doen. Het kan dan resulteren in een onleesbare tekst.)
- iets bij de roes kopen (=iets kopen in de staat zoals het is)
- op de pof komen (=iets kopen zonder direct te betalen)
- een kat in de zak kopen (=iets kopen zonder het gezien te hebben - bedrogen worden)
- iets uit zijn mond sparen (=iets niet opeten)
- de vlag dekt de lading niet (=iets onder een goede naam verkopen zonder dat het ook die kwaliteit heeft)
- iets soldaat maken (=iets openmaken en helemaal opeten)
- iets aan de man brengen (=iets verkopen)
6 dialectgezegden bevatten `ope`
- dootj eur hötte ope (=let eens op) (Weerts)
- ken je bek niet verder opuh/ ken je je bek niet verder ope trekken/ dagen zat dat ik het niet op de bank/ in mun portemenaie/ porte met niks heb / Alsof ie een emmer leeggooit. (=`wat is dat duur zeg` (als reactie op iets dat een hoge prijs heeft) (Utrechts)
- oew fluit staot ope (=je broek staat open) (Oudenbosch)
- trekt oa blaffeture ope (=doe u ogen open) (Waarschoots)
- wejjen 't al det eur gaat ope en tów gieët songer pörtje (=antwoord op:weet je het al) (Weerts)
- zaartur tabbernaokul ope (=heur blouse stond open) (Oudenbosch)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen