91 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `Igé`
- `t Moet al een ruige hond wezen, die twee nesten warm houden kan (=alleen een rijke man kan er een tweede vrouw op na houden)
- alle heilige huisjes aandoen (=alle cafés onderweg bezoeken)
- als een pilaarheilige (=onbeweeglijk, stijf)
- als het huis volbouwd is breekt men de steigers af (=als het doel bereikt is, vergeet men de helpers)
- bang zijn voor zijn eigen schaduw (=overdreven bang zijn)
- beter rapen aan eigen dis dan elders vlees of vis (=oost West thuis best)
- bij eigen zin is geen gewin. (=eigenwijs zijn is niet goed)
- de eigen boontjes doppen (=de eigen zaken regelen zonder hulp van anderen)
- de gestadige jager wint (=regelmatig doorzetten geeft het beste resultaat)
- de hand in eigen boezem steken (=zijn eigen fout inzien)
- de haring hangt aan zijn eigen kieuwen (=men dient verantwoording te nemen voor de eigen daden)
- de lijdensbeker tot de bodem ledigen (=al het slechte, tot het laatste toe, over zich heen krijgen)
- de mug uitzuigen en de kameel doorzwelgen (=de onschuldige straffen en zelf schaamteloos zondigen)
- de pen is machtiger dan het zwaard (=woorden kunnen meer teweeg brengen dan wapens)
- de slaap der rechtvaardigen slapen (=een schoon geweten hebben)
- de tafel de nodige eer bewijzen. (=smakelijk gaan eten.)
- een aardige stuiver/duit (=een mooi kapitaal)
- een Augiasstal reinigen (=het opruimen van een vreselijk vuile boel)
- een bedrijvige Martha zijn (=een zeer ijverige vrouw zijn (Martha= bijbels symbool voor hardwerkende huisvrouw))
- een gehuurd paard en eigen sporen maken korte mijlen (=eigen bezit beschadigt men minder dan gekregen of gehuurd bezit)
- een gehuurd paard en eigen sporen maken korte mijlen. (=men is geneigd andermans spullen te misbruiken)
- een gevoelige snaar raken (=iets ligt erg gevoelig bij iemand, belangstelling hebben voor een bepaald onderwerp en iemand die dan aandacht heeft ervoor)
- een haastige hond werpt blinde jongen. (=te snel of impulsief handelen heeft slechte gevolgen)
- een heilige koe (=iets waar je niet aan mag komen en zuinig op bent, voor sommige mensen is dat bijv. een auto)
- een hond is stout op zijn eigen dam. (=op bekend terrein durf je meer)
- een koekje van eigen deeg (=iets geven (of krijgen) wat oorspronkelijk bedacht is door degene die het krijgt (of geeft))
- een ongelovige Thomas zijn (=nooit iets geloven)
- een ridder van de droevige figuur (=een sufferd)
- een sigaar uit eigen doos presenteren (=iemand iets aanbieden dat in feite door de ontvanger zelf is betaald)
- eer betuigen (=vereren)
- eigen haard is goud waard (=het is nergens zo mooi als thuis / men hecht veel waarde aan het eigen bezit)
- eigen roem/lof stinkt (=door over jezelf op te scheppen maak je een nare indruk)
- elk heeft genoeg in eigen tuin te wieden. (=bekritiseer geen anderen als je zelf niet perfect bent)
- elk ziet door zijn eigen bril (=ieder ziet het op zijn eigen manier)
- elke dag heeft genoeg aan zijn eigen kwaad (=men moet zich niet zorgen maken over de toekomst)
- er een puntje aan kunnen zuigen (=er een goed voorbeeld aan kunnen nemen)
- er is meer gelijk dan eigen gelijk (=de mening van anderen telt ook)
- er je eigen plasje overheen doen (=iets een beetje veranderen zodat helemaal naar je zin is. In werksituaties kan dit soms uit de hand lopen, als er veel belanghebbers zijn die allemaal hun eigen plasje over een document willen doen. Het kan dan resulteren in een onleesbare tekst.)
- geen beter gemak dan eigen dak. (=thuis voel je je het meest op je gemak)
- geen ezel en kan zijn eigen oren afbijten. (=het onmogelijke hoef je niet te doen.)
- geen heilige zo klein of hij wil zijn kaarsje hebben. (=mensen vertellen graag wat voor goeds ze hebben gedaan)
- geen mens is zijn eigen maker. (=beoordeel iemand niet om hun uiterlijk.)
- geen profeet is in zijn (eigen) land geëerd (=in tegenstelling tot vreemden, zijn mensen uit je woonplaats minder bereid te luisteren)
- geen zorgen voor morgen, elke dag heeft genoeg aan zijn eigen kwaad (=de moeilijkheden van vandaag zijn genoeg om je zorgen over te maken)
- gehoor weigeren (=niet ingaan op)
- haastige spoed is zelden goed (=zaken in te hoog tempo afwerken vergroot de kans op fouten)
- het heft in eigen hand(en) nemen (=de leiding nemen)
- het hoofd buigen (=opgeven - toegeven)
- het recht in eigen hand nemen (=eigenmachtig optreden)
- het takje buigen als het nog jong is (=goede gewoonten leert men het beste op jonge leeftijd aan)
276 betekenissen bevatten `Igé`
- in de schoenen schuiven (=(vaak onterecht) beschuldigen)
- het achter de ellebogen hebben (=achterbaks; zonder zijn zelfzuchtige bedoelingen te laten zien)
- je leven in de waagschaal stellen (=actie ondernemen waarbij het eigen leven in gevaar kwam)
- lief en leed delen (=allerlei plezierige en droevige dingen met elkaar beleefd hebben)
- de ratten verlaten het zinkende schip (=als de omstandigheden verslechteren denken sommigen alleen aan zichzelf en vertrekken)
- waar meerderman komt moet minderman wijken (=als een machtig persoon iets zegt, moet de minder machtige zwijgen)
- de kat de bel aanbinden (=als eerste een begin maken aan iets moeilijks (een lastige klus of een ingewikkeld gesprek))
- ongevraagd, ongeweigerd (=als je iets doet waarvoor geen toestemming is gevraagd kan het achteraf niet meer geweigerd worden omdat het al gebeurd is)
- in de nood eet de duivel vliegen. (=als je in nood verkeert, stel je je tevreden met dingen die je anders zou weigeren.)
- die in het voorjaar niet zaait, in het najaar niet maait. (=als je jong bent moet je sparen voor je eigen oude dag)
- gedeelde smart is halve smart (=als je over problemen praat, dan kan je het makkelijker verwerken / door de problemen/ellende van een ander is het gemakkelijker de eigen problemen/ellende te dragen)
- wanneer twee honden vechten om een been, loopt de derde ermee heen (=als twee strijdende personen of partijen zich richten op elkaar, kan een ander daarvan profiteren door zich datgene toe te eigenen waar om gestreden wordt)
- altijd de kwade pier zijn (=altijd als de schuldige aangewezen worden)
- de pastoor gaat voor en de dominee loopt met hem mee (=altijd eerst de machtige mensen, dan de mindere mens)
- hoogmoed deed nooit iemand goed. (=arrogantie en overmoed zijn slechte eigenschappen)
- aan het licht brengen (=bekend maken (bijz. van ongunstige dingen))
- aan het licht komen (=bekend worden van ongunstige dingen)
- op je achterste zolder jagen (=beledigen, bang maken)
- een reef in het zeil doen (=besnoeien in de uitgaven, bezuinigen)
- de broodkorf hoger hangen. (=bezuinigen)
- iemand in het zeer tasten (=bij iemand de gevoelige plek raken)
- elk zijn meug, zei de boer en hij at paardenkeutels in plaats van vijgen. (=boeren zijn koppige mensen die hun eigen zin doen)
- daar komt een schip met zure appels (=daar komt een stevige regenbui aan)
- dan zwaait er wat (=dan dreigen zware repercussies)
- die haring braadt niet (=dat (meestal geniepige) plannetje schijnt niet te lukken)
- commandeer je hond en blaf zelf (=dat bevel weiger ik uit te voeren)
- dat moet je niet uitpoetsen/uitvlakken (=dat is ernstiger dan het lijkt)
- het oog ziet altijd van zich af (=de eigen fouten ziet men niet, maar andermans fouten altijd wel)
- de eigen boontjes doppen (=de eigen zaken regelen zonder hulp van anderen)
- goede papieren hebben (=de goede eigenschappen hebben (voor een baan))
- de bazuin steken (=de lof verkondigen)
- de groten rijden te paard en de kleinen hangen tussen hemel en aarde. (=de machtige lui leven op kosten van de gewone man)
- op de pianist schieten (=de onschuldige (de brenger van het nieuws) straffen)
- de mug uitzuigen en de kameel doorzwelgen (=de onschuldige straffen en zelf schaamteloos zondigen)
- de kwaaie pier (=de schuldige)
- de dader ligt op het kerkhof (=de schuldige is niet te vinden)
- de oude adam (=de zondige natuur (aard))
- de waarheid in pacht hebben (=denken de enige te zijn die de waarheid kent of vertelt)
- een kattenrug maken (=diep buigend groeten)
- wie schrijft, die blijft. (=documenteer alles goed voor je eigen bestwil)
- de wal keert het schip (=door beperkingen enigerlei niet verder kunnen)
- een zware pijp roken (=door eigen schuld in moeilijkheden komen)
- in de fuik lopen (=door eigen stommiteiten in een valstrik lopen)
- je uit de markt prijzen (=door eigen toedoen laten anderen diegene links liggen)
- buurmans leed troost (=door het verdriet of de pijn van een ander kun je je eigen verdriet en pijn beter verdragen)
- een dronken vrouw is een engel in bed (=drank draagt bij aan het beëindigen van de tegenstand)
- in de lucht hangen (=dreigen te gebeuren - onzeker zijn)
- de gekken krijgen de kaart (=dwaze en onverstandige mensen krijgen hun gelijk of ze dat hebben of niet)
- de pot verwijt de ketel dat die zwart ziet (=een ander aanwijzen als schuldige, terwijl die zelf hetzelfde gedaan heeft)
- een hen met sporen. (=een bazige vrouw.)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen