10 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `maat`
- de maat is vol (=het wordt niet langer getolereerd)
- er blijft veel aan maat en strijkstok hangen (=lang niet alles komt op zijn plaats terecht)
- geen maat weten te houden (=onbeheerst doorgaan waarmee men begonnen is)
- het is dief en diefjesmaat (=het is allemaal even erg)
- het is een wijze man, die maat ramen kan. (=wijsheid komt van het vermogen om situaties te begrijpen en hoe daar op te reageren)
- hoe komt het kalf bij zijn maat (=hoe wonderlijk men elkaar kan ontmoeten)
- iemands maat niet kunnen halen (=aan iemand niet kunnen tippen)
- Jan Rap en zijn maat (=het gewone volk)
- je licht niet onder de korenmaat zetten (=meespreken, je mening geven en laten merken dat je er iets van weet)
- met de maat waarmee gij meet, zal u weder gemeten worden (=op de manier zoals je een ander behandelt zal je ook zelf behandeld worden)
6 betekenissen bevatten `maat`
- de boot is aan (=de maat is vol)
- doekje voor het bloeden (=een schrale troost, of een ontoereikende, slechts symbolische maatregel)
- de soep wordt nooit zo heet gegeten, als zij wordt opgediend (=er worden meestal minder zware maatregelen toegepast dan was aangekondigd)
- met een kanon op een mug schieten (=ophef maken om niks / overdreven zware maatregelen nemen)
- als het kalf verdronken is dempt men de put (=pas als het te laat is, neemt men maatregelen)
- te hooi en te gras (=zonder enige regelmaat of plan)
14 dialectgezegden bevatten `maat`
- `Alles met de moate` zee den kleermaker en hé heuw zien wief met de el. (=Overal is een maat voor) (Twents)
- 't is een scheed in de zak (=het is een maat voor niets) (Kaprijks)
- bescheten komisse (=maat voor niets) (Zottegems)
- dae haet eine kop wie ein vaatsmanj (=hij heeft een grote mond (de ‘vaatsmanj’ was de grootste maat mand die er te krijgen was)) (Heitsers)
- das s maat en pinte (=vrienden) (Zeeuws)
- de reuk van eîn vêrke is te hebbe, van tieën is vrieët, van hóngerd is ieëmelik (=de maat is vol) (Weerts)
- een kerre te griuët (=een maat te groot (schoenen)) (Kaprijks)
- een kerre te gruut zijn (=een maat te groot (schoenen)) (Lovendegems)
- G' ed al hoondert (=De maat is vol) (Bevers)
- Gòttelse moate (=royale maat) (Epers)
- roke waaj nen turk en zaupe waaj nen tempelier (=roken drinken zonder maat) (Munsterbilzen - Minsters)
- schete in een flèse (=maat voor niets) (Brakels)
- tes ' n beskeetn komissie, ' t ee veur niets ediend (=het is een maat voor niets geweest) (Waregems)
- tis e scheete in nen netzak (=het is een maat voor niets) (kortemarks)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen