aantrekken

werkw.
Uitspraak:  [ˈantrɛkə(n)]
Afbreekpatroon:  aan·trek·ken
Vervoegingen:  trok aan (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft aangetrokken (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) aan je lichaam doen
Voorbeeld:  `je sokken aantrekken`
Antoniem:  uittrekken
Synoniem:  aandoen

2) naar je toe halen
Voorbeeld:  `Hoge bomen trekken de bliksem aan.`
personeel aantrekken  (personeel proberen te krijgen) Synoniem: werven

3) (een touw o.i.d) strakker maken
Voorbeeld:  `een touw stevig aantrekken zodat alles goed vastzit`
Synoniem:  aanhalen

4) zo zijn dat je het leuk of aangenaam vindt
Voorbeeld:  `Die muziek trekt me helemaal niet aan.`


Synoniemen
aanbrengen   aandoen   aankleden   aanlokken   aannemen   adverteren   bekleden   bekoren   charmeren   dichttrekken   in dienst nemen   inhuren   kleden   opbrengen   opleggen   rekruteren   straktrekken   ter harte gaan   werven   

Spreekwoorden en zegswijzen
• het harnas aantrekken (=ten strijde trekken)
• een te grote broek aantrekken (=een doel stellen waarvoor je niet de benodigde middelen hebt)
• een leeuwenhuid aantrekken (=zich dapper tonen)
• de wapenrok aantrekken (=militair worden)
• de stoute schoenen aantrekken (=iets doen wat moed vergt. (`stout` in de oude betekenis van `dapper`))
Naar de spreekwoorden

Intensiveringen
Hoe kun je aantrekken krachtiger uitdrukken?
aantrekken als een magneet;

4 definities op Encyclo
  • 1) Straktrekken 2) Kleden 3) Aanbrengen 4) Aanslepen 5) Spannen 6) Aanschuiven 7) Aanschieten 8) Aanpassen 9) Zich bekleden 10) Charmeren 11) Aanhalen 12) Aankleden 13) Dichttrekken 14) Aannemen 15) Inhuren 16) In dienst nemen 17) Aanlokken 18) Werven 19) Aandoen 20) Aangorden 21) Bekleden 22) Adverteren
  • 1> van de wind: in kracht toenemend. 2> het inhalen van de lijnen aan de zegen, waarmee men dan de zegen naar zich toe trekt. Dit kan zowel op de hand, als met een paard, als met de spil gebeuren. Ook aanhalen, aandraaien, bijtrekken, inkomen, bijdraaien, bijhalen en landen genoemd. [Links: Diverse termen inz...
  • Aantrekken heeft meerdere betekenissen. Het kan betekenen: [basiswoordenlijst groep 4]
  • trekkend naar zich toehalen; kleding aandoen
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
aantrekken

Taaladvies
  1. Schrijf je appetijtelijk met ei of ij? Zie appetijtelijk / appeteitelijk
  2. Schrijf je onappetijtelijk met ei of ij? Zie onappetijtelijk / onappeteiteleik


Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van aantrekken?
De verleden tijd van aantrekken is 'trok aan'. Het voltooid deelwoord is 'heeft aangetrokken'.
Wat betekent aantrekken?
'aan je lichaam doen' en 'naar je toe halen' en '(een touw o.i.d) strakker maken' en 'zo zijn dat je het leuk of aangenaam vindt'
Hoe spel je aantrekken?
aantrekken spel je A A N T R E K K E N
Wat is een ander woord voor aantrekken?
Andere woorden voor aantrekken zijn aanbrengen, aandoen, aankleden, aanlokken, aannemen, adverteren, bekleden, bekoren, charmeren, dichttrekken, in dienst nemen, inhuren, kleden, opbrengen, opleggen, rekruteren, straktrekken, ter harte gaan en werven.

Op andere websites
Zoek aantrekken in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek aantrekken op Google
Zoek aantrekken op Woordenlijst.org
Zoek aantrekken in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek aantrekken op Wikipedia