wissen

werkw.
Uitspraak:  [ˈwɪsə(n)]
Vervoegingen:  wiste (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gewist (volt.deelw.)

1) weghalen door te vegen
Voorbeeld:  `het water van de ramen wissen`
het schoolbord wissen  (het krijt van het schoolbord vegen)

2) (gegevens) verwijderen uit een geheugen computers
Voorbeeld:  `alle bestanden van een USB-stick wissen`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afdrogen afvegen afwissen uitgommen uitvegen uitvlakken uitwissen vegen vlakken wegvegen

5 definities op Encyclo
  • het er vanaf vegen vb: hij wiste zich het zweet van het voorhoofd het bord wissen [het krijt er vanaf vegen]
  • •het niet meer laten bestaan van.
  • Wissen is een plaats in de Duitse deelstaat Rijnland-Palts, en maakt deel uit van de Landkreis Altenkirchen. Wissen telt {Statistiek gemeente Duitsland inwoners|07 1 32 ...
  • vegen Jaar van herkomst: 1240 (Bern. )
  • 1) Afdrogen 2) Afvegen 3) Afwissen 4) Reinigen 5) Schoonmaken 6) Uitgommen 7) Uitvegen 8) Uitvlakken 9) Uitwissen 10) Vegen 11) Verwijderen 12) Vlakken 13) Wegvegen 14) W...
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden eindigen op wissen:
    afwissenkwissenuitwissenvergewissen

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    wissen (vegen)