de vlek

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [vlɛk]
Verbuigingen:  vlek|ken (meerv.)

1) vuil stukje op een oppervlak
Voorbeelden:  `Er zit een vlek op je T-shirt.`,
`vetvlek`

2) anders gekleurd stukje huid
Voorbeeld:  `witte koeien met zwarte vlekken`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bespikkelen bevlekken flecker gehucht macula moesje nop plek smet spat spatje spikkel sproet stip stipje stippel veeg vlekje vuile plek vuiplek

Spreekwoorden en zegswijzen
• men noemt geen koe bont, of er is een vlekje aan. (=als er allerlei vervelende dingen worden verteld is er vast wel iets van waar)
• er is geen koe zo bont, of er zit wel een vlekje aan. (=niemand is perfect, iedereen heeft wel iets niet moois of iets waar hij niet zo goed in is.)
Naar de spreekwoorden

5 definities op Encyclo
  • [Mil. Woordenboek, spelling van 1861 ``Vlek of marktplaats``] Open plaats, die wat haar aanzien betreft tusschen eene stad en een dorp gelegen is
  • vuile plek vb: er zit een vlek in je jas vlekkeloos [zonder schuld] men noemt geen koe bont, of er zit wel een vlekje aan [niemand is volmaakt]
  • [nederzetting] - De benaming vlek is in Nederland vanouds gereserveerd voor nederzettingen met stedelijke kenmerken die geen stad zijn. Daarmee hangt de vraag samen welk...
  • 1) Bespikkelen 2) Bevlekken 3) Blaam 4) Blamage 5) Brandmerk 6) Buurtschap 7) Deel van het lichaam 8) Dorp 9) Gehucht 10) Groot dorp 11) Inktmop 12) Inktvlek 13) Klad 14)...
  • smet Jaar van herkomst: 1240 (Bern. )
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met vlek:
    vlekkeloosvlekkeloosheidvlekkenvlektvlektevlektenvlektyfus

    Deze woorden eindigen op vlek:
    bevlekbladvlekbloedvlekinktvlekkoffievlekmoedervlekmongolenvlekolievlekontvlekschandvlekvetvlekwijnvlekzonnevlek

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    vlek (smet, plek; gehucht)