soigneren

werkw.
Uitspraak:  [swɑ'ɲerə(n)]
Vervoegingen:  soigneerde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gesoigneerd (volt.deelw.)

veel zorg besteden aan of met veel zorg behandelen
Voorbeelden:  `je laten soigneren in een kuuroord`,
`je liefje soigneren`

© Kernerman Dictionaries.

5 definities op Encyclo
  • Let op: Spelling van 1858 zorgvuldig behandelen of gadeslaan. Soigneus, soigneux, Fr., zorgvuldig, bezorgd, oplettend
  • zichzelf of iemand anders goed verzorgen en van al het nodige voorzien in geval van ziekte of hulpbehoevendheid
  • verzorgen.
  • verzorgen Jaar van herkomst: 1539 (HWS )
  • 1) Goed verzorgen 2) Met zorg behandelen 3) Onderhouden 4) Verzorgen 5) Zorg besteden aan
  • Toon uitgebreidere definities

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    soigneren (verzorgen)