de vakantie

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [vaˈkɑn(t)si]
Verbuigingen:  vakantie|s (meerv.)

1) periode van een aantal dagen waarin je vrij bent en niet hoeft te werken
Voorbeelden:  `gesloten wegens vakantie`,
`zomervakantie`
kerstvakantie  (vakantie rond Kerstmis en Nieuwjaar)

2) vakantiereis
Voorbeeld:  `op/met vakantie gaan naar Italië`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
reis snipperdag tocht verlof verlofjaar verloftijd

Taaladvies
  1. (op / met -) Ga je op of met vakantie? Zie Vakantie
  2. Is het gebruik van < i>verlof < /i>correct in deze zin: < i>Bijna alle collega`s nemen verlof in juli< /i>? Zie Verlof / vakantie
  3. Wat is juist: `Een heel fijne vakantie!` of `Een hele fijne vakantie!` Zie Een heel / hele fijne vakantie


10 definities op Encyclo
  • Vakantie is afgeleid van vacatio (Latijns werkwoord vacare) dat staat voor vrij zijn van verplichtingen. Het is een periode waarin een persoon zijn gewoonlijke dagelijks...
  • •een jaarlijkse vrije tijd voor personen in verschillende beroepen en voor leerlingen. •een reis in de vakantie.
  • periode waarin je vrij hebt van school of werk vb: in de vakantie zwem ik elke dag op vakantie gaan [naar een andere plaats gaan als je vrij hebt] vakantie nemen [vrije d...
  • 1. Een verblijf buiten de eigen woonomgeving voor ontspanning of plezier met minstens één overnachting buitenshuis. 2. Recreatie waarbij je minstens vier nachten buiten...
  • 1) Aaneengesloten vrije tijd 2) Aantal vrije dagen achter elkaar 3) Afwezigheidsperiode 4) Jaarlijks toegekende vrije tijd 5) Ontspanning 6) Ontspanningsperiode 7) Period...
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met vakantie:
    vakantieadressenvakantiebaanvakantiebestemmingvakantiedagvakantiegangervakantiegeldvakantiehuisvakantieoordvakantiereisvakantiesvakantiewerkvakantiewerkers

    Deze woorden eindigen op vakantie:
    autovakantiecarnavalsvakantiefietsvakantieherfstvakantiekerstvakantiekrokusvakantiemeivakantiepaasvakantieschoolvakantieskivakantievoorjaarsvakantiewandelvakantiewintersportvakantiezeevakantiezomervakantie

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    vakantie (vrije tijd)