uitschakelen

werkw.
Uitspraak:  ['œytsxakələ(n)]
Vervoegingen:  geschakelde uit (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft uitgeschakeld (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

zorgen dat (iets of iemand) niet meer functioneert of geen invloed meer heeft
Voorbeelden:  `de lamp uitschakelen`,
`je voicemail uitschakelen`,
`een doorbraak in het uitschakelen van kanker`,
`door te winnen je tegenstander uitschakelen`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afzetten elimineren op non-actief stellen uitdoen uitmaken uitrangeren uitzetten

4 definities op Encyclo
  1. de knop omzetten zodat het niet meer werkt vb: hij schakelde het televisietoestel uit Synoniemen: uitdoen afzetten uitdraaien uitzetten Tegenstellingen: aanzetten inschak...
  2. Uit `De lagere vaktalen: Taal van post-, telegraaf- en telefoonpersoneel` 1914 een toestel uitschakelen.
  3. 1) Afzetten 2) Buiten gevecht stellen 3) Buiten werking stellen 4) Diskwalificeren 5) Elimineren 6) Gelijkmaken 7) Met ee druk op de knop iemand aan de kant zetten 8) Ont...
  4. [Nederlands] buiten spel zetten
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `uitschakelen` kennen.