traag

bijv.naamw.
Uitspraak:  [trax]

langzaam
Voorbeelden:  `met trage stappen`,
`Het ergert me dat alles hier zo traag gaat.`
Antoniemen:  snel, vlug
Bedankt om traag te rijden.  (<verkeersbord op woonerven>)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aarzelend besluitloos dralend flegmatiek inert laks langzaam leuterig loom lui mat slepend sloom talmend treuzelachtig treuzelend weifelend werkschuw zacht gauw (antoniem)snel (antoniem)vlug (antoniem)

Intensiveringen
Hoe kun je traag krachtiger uitdrukken?
traag als bagger; traag als een schildpad; traag als een slak (op een teerton);

7 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bijvoegelijk naamwoord] en [bijwoord] (trager, -st), langzaam, niet voorvarend; lui; onachtzaam. ~HEID, v. [geen meervoud] langzaamhei...
  2. echt Nederlandsche handelswoorden (1914):met weinig kooplust; de markt is traag.
  3. in een laag tempo vb: traag kroop de slak van het blad traag van begrip zijn [iets niet snel begrijpen]
  4. •met geringe snelheid.
  5. [Nederlands] langzaam
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met traag:
traagheid

Deze woorden eindigen op traag:
vertraag

Herkomst volgens etymologiebank.nl
traag (langzaam)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `traag` kennen.