toesnauwen

werkw.
Uitspraak:  ['tusnɑuwə(n)]
Vervoegingen:  snauwde toe (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft toegesnauwd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

boos en kortaf praten of roepen (tegen iemand)
Voorbeeld:  `Je buurjongen toesnauwen omdat hij een bal tegen je ruit geschopt heeft.`
Synoniem:  snauwen


Synoniemen
afbekken   afblaffen   afsnauwen   dichtbijten   happen   snauwen   toebijten   toehappen   

1 definitie op Encyclo
  • 1) Afsnauwen 2) Afblaffen 3) Afbekken 4) Afbassen 5) Dichtbijten 6) Op ruwe toon roepen 7) Happen 8) Snauwen 9) Toesnappen 10) Aangrauwen 11) Toehappen 12) Toebijten 13) Aanbaffen 14) Aanblaffen
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
toesnauwen

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van toesnauwen?
De verleden tijd van toesnauwen is 'snauwde toe'. Het voltooid deelwoord is 'heeft toegesnauwd'.
Wat betekent toesnauwen?
'boos en kortaf praten of roepen (tegen iemand)'
Hoe spel je toesnauwen?
toesnauwen spel je T O E S N A U W E N
Wat is een ander woord voor toesnauwen?
Andere woorden voor toesnauwen zijn afbekken, afblaffen, afsnauwen, dichtbijten, happen, snauwen, toebijten en toehappen.

Op andere websites
Zoek toesnauwen in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek toesnauwen op Google
Zoek toesnauwen op Woordenlijst.org
Zoek toesnauwen in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek toesnauwen op Wikipedia