het terrein

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [təˈrɛin]
Verbuigingen:  terrein|en (meerv.)

1) stuk grond
Voorbeeld:  `sportterrein`
Synoniem:  gebied
terrein verliezen  (invloed of macht verliezen)
terrein winnen  (meer invloed krijgen)

2) alles wat bij een bepaald onderwerp hoort
Voorbeeld:  `op het terrein van de wiskunde`
Synoniemen:  gebied, domein, vlak,

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bouwterrein domein erf gebied gord gordel grondgebied kav kavel perceel streek territorium vlak zone

Taaladvies
Site / terrein: Is bedrijfssite correct in de volgende zin: < i>Alle gebouwen op die verlaten bedrijfssite zullen worden afgebroken< /i>?

10 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling van 1858 eene plaats, en, met betrekking tot den graad harer uitgestrektheid, eene streek; ook bodem, grond; figuurl. het terrein kennen, eene zaak verst...
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: o. (-en), grond, bodem; [figuurlijk] gebied; kom niet op mijn -, bemoei u niet met hetgeen aan mij is opgedragen; het - der wetenschap,...
  3. gedeelte van het land, stuk land vb: de camping lag op een heuvelachtig terrein hij begaf zich op gevaarlijk terrein [zei dingen waarmee hij problemen kon krijgen]
  4. Def.: door een type landgebruik gekarakteriseerd zichtbaar begrensd stuk grond, niet zijnde weg, spoorbaan of water Toelichting: De definitie houdt sterk verband met die ...
  5. [Mil. Woordenboek, spelling van 1861 ``Terrein``] De gedaante van de oppervlakte der aarde, met betrekking tot het militaire gebruik; het karakter van het terrein wordt h...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met terrein:
terreinautoterreinenterreinfietsterreinwagen

Deze woorden eindigen op terrein:
bedrijfsterreinbedrijventerreinbouwterreingolfterreinindustrieterreinkampeerterreinprivéterreinparkeerterreinjachtterreinrangeerterreintentoonstellingsterreinsportterreinspeelterreinziekenhuisterreinaandachtsterrein

Herkomst volgens etymologiebank.nl
terrein (stuk grond)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `terrein` kennen.