straf

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [strɑf]
Verbuigingen:  straf|fen (meerv.)

vervelende maatregel als je iets verkeerds gedaan hebt of een misdaad gepleegd hebt
Voorbeelden:  `Omdat ze hun huiswerk niet gedaan hebben, moeten ze voor straf langer op school blijven.`,
`een straf van vijf jaar uitzitten in de gevangenis`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bestraffing bezoeking boete braaf celstraf dapper eerlijk fel fiks geducht gevangenisstraf hechtenis kastijding krachtig nors pittig sanctie sterk tuchtiging tuchtmaatregel vergelding vriendelijk zwaar beloning (antoniem)

Taaladvies
  1. Kan men sanctioneren ook gebruiken in de betekenis `straffen`? Zie Sanctioneren /straffen / een sanctie treffen / een sanctie opleggen
  2. Schrijf je kastijding met ei of ij? Zie kastijding / kasteiding


Intensiveringen
Hoe kun je met straf een ander begrip versterken?
straf tempo; straffe wind
Hoe kun je straf krachtiger uitdrukken?
hoge straf; strenge straf; zware straf;

11 definities op Encyclo
  • vervelende maatregel omdat je iets deed wat niet mocht vb: het kind moest voor straf om zeven uur naar bed een onvoorwaardelijke straf [die meteen wordt uitgevoerd] een v...
  • Zie straffen aan boord.
  • Bewust en opzettelijk toegebracht leed. Zie ook Doelstellingen van het strafrecht.
  • Vlaams voor het Nederlandse woord ` sterk`
  • De rechter kan kiezen uit hoofdstraffen, bijkomende straffen en maatregelen.
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met straf:
    straf afstrafbaarstrafbaarheidstrafbalstrafballenstrafbankstrafbladstrafbladenstrafcornerstrafexpeditiesstraffestraffeloosstraffeloosheidstraffenstrafferstrafgevangenisstrafgevangenissenstrafheidstrafkamersstrafkamp
    Toon alle woorden die beginnen met straf

    Deze woorden eindigen op straf:
    afstrafbestrafcelstrafdoodstrafgeldstrafgevangenisstraflijfstraflogenstrafschandstraftaakstrafvrijheidsstrafwerkstraf
    Toon alle woorden die eindigen op straf

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    1. straf (maatregel tegen overtreding)
    2. straf (stijf, krachtig)