de stoel

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [stul]
Verbuigingen:  stoel|en (meerv.)

meubel met poten en een rugleuning waarop één persoon kan zitten
Voorbeelden:  `kinderstoel`,
`klapstoel`,
`tuinstoel`,
`leunstoel`
niet onder stoelen of banken steken  (openlijk en duidelijk (iets) laten merken) `Hij stak zijn ontevredenheid niet onder stoelen of banken.`
op iemands stoel gaan zitten  (de rol van iemand overnemen terwijl dat niet de bedoeling is) `Zij gaat steeds op de stoel van haar chef zitten en commandeert haar collega's.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
gestoelte zetel

Spreekwoorden en zegswijzen
• zich een stoel in de hemel verdienen (=zich door een goed werk onderscheiden)
• voor stoelen en banken praten (=maar weinigen die naar iemands verhaal luisteren)
• tussen twee stoelen in de as zitten (=er bekaaid vanaf komen)
• onder stoelen of banken steken (=verbergen)
• niet onder stoelen en of banken steken (=er rond voor uitkomen)
Toon alle 10 spreekwoorden die stoel bevatten

Taaladvies
Zetel / stoel / bank: Is zetel een correct woord voor een zitmeubel voor een of meer personen?

Intensiveringen
Hoe kun je met stoel een ander begrip versterken?
je valt van je stoel van verbazing;

9 definities op Encyclo
  1. meubelstuk met zitting, rugleuning en poten vb: een stoel dient om op te zitten een gemakkelijke stoel [waar je gemakkelijk in kunt zitten] ik val van mijn stoel van verb...
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-en), zetel; zitting; een matten -, (met gevlochten zitting, in [tegenstelling] van kussenstoel); preekstoel; [figuurlijk] de heili...
  3. Let op: Spelling van 1914 sur. Plantersterm. Zie BACOVE, blz. 65.
  4. Uit `De lagere vaktalen: Diamantbewerking` 1914 't breede stuk, dat op de schijf geschroefd en in de spil bevestigd is door middel van spieën.
  5. [Mil. Woordenboek, spelling van 1861 ``Stoel``] Mortierstoel. Zie Affuiten
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met stoel:
stoeldestoeldenstoelenstoelen opstoelendansstoelgangstoelgangkaartstoelgangschaalstoelpootstoelpotenstoeltstoeltjesliftstoeltjesliften

Deze woorden eindigen op stoel:
kinderstoelklapstoelleerstoelleunstoelligstoelschietstoelvouwstoeldraagstoelloopstoeleetkamerstoelschopstoelwipstoelpaddenstoelpaddestoelstrandstoelklokkenstoelpraatstoelpreekstoelakkerpaddenstoelbaarstoel

Herkomst volgens etymologiebank.nl
stoel (zitmeubel)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `stoel` kennen.