snoeken als dialectwoord
• snikken (Hierdens) • snikkend huilen (Oldebroeks) • snoeien (Poperings) 4 definities op Encyclo
- 'Snoeken' ('Esocidae') zijn een familie van roofvissen uit de orde Esociformes. Het geslacht bevat zeven soorten: vier in Eurazië - waaronder gewone snoek, drie soorten in Noord-Amerika en één uitgestorven soort.
- 1) Hengelen 2) Vis 3) Vissen 4) Manier van vissen 5) Vissen op snoek 6) Op snoek vangen
- de visserij op snoek. Deze in de ogen van beroepsvissers minderwaardige visserij werd soms uit nood gedaan. Men viste ` op de zink `. [Links: Overige termen inzake het vistuig .]
- op snoek vissen een verkeerde roeislag maken waarbij de roeiriem in het water blijft hangen, omdat deze er te diep ingestoken is; een snoek slaan
Toon uitgebreidere definitiesOp andere websites
Zoek snoeken in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek snoeken op
Google
Zoek snoeken op
Woordenlijst.org
Zoek snoeken in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek snoeken op
Wikipedia