reinigen

werkw.
Uitspraak:  [ˈrɛinəxə(n)]
Vervoegingen:  reinigde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gereinigd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

schoonmaken
Voorbeelden:  `na gebruik grondig reinigen`,
`chemisch reinigen`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
in zedelijk opzicht zuiveren klaren kuis kuisen kuising louteren opruimen opruiming reiniging schoonmaak schoonmaken schoonpoetsen uitmesten uitruimen wassen wassing zuiveren zuivering

Spreekwoorden en zegswijzen
• een Augiasstal reinigen (=het opruimen van een vreselijk vuile boel)
• de augiasstal reinigen (=de rommel opruimen - schoon schip maken)
Naar de spreekwoorden

7 definities op Encyclo
  1. Het verwijderen van vuil, deklagen, aanzetsels, vlekken of ander materiaal in of op een oppervlak. Categorie: Procédés en Technieken > subtractieve proc&eac...
  2. •Het verwijderen van zichtbaar
  3. 1) Aanvegen 2) Afboenen 3) Afkuisen 4) Afrossen 5) Afslijpen 6) Afsoppen 7) Afvegen 8) Afwassen 9) Afwissen 10) Bezemen 11) Boenen 12) Borstelen 13) Flossen 14) Iets scho...
  4. [Nederlands] Zuiveren, poetsen
  5. Ontdoen van aan de oppervlakte hechtend vuil of andere ongewenste stoffen, schoonmaken.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op reinigen:
verontreinigen

Herkomst volgens etymologiebank.nl
reinigen (schoonmaken)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `reinigen`.