de zwartrijder

zelfst.naamw. (m.)
Verbuigingen:  zwartrijders
Verbuigingen:  zwartrijdertje

1) iemand die zwartrijd, iemand die van het openbaar vervoer gebruikmaakt zonder te betalen
Voorbeeld:  `Hij is een gewiekste zwartrijder.`

2) iemand die nalaat wegenbelasting te betalen
Voorbeeld:  `Bij een grootscheepse controle werd de zwartrijder aangehouden.`


Bron: WikiWoordenboek.

1 definitie op Encyclo
  1. 1) Iemand die meerijdt zonder te betalen 2) Iemand die zonder geldig kaartje reist 3) Kleine crimineel
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met zwartrijder:
zwartrijders

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 100% van de Vlamingen het woord `zwartrijder`.