de schijnvrucht
zelfst.naamw. (m./v.)
| Uitspraak: | ['sxɛinvrʏxt] |
| Afbreekpatroon: | schijn·vrucht |
| Verbuigingen: | schijnvruchten (meerv.) |
onderdeel van een plant dat lijkt op een vrucht maar dat volgens de regels van de plantkunde dat niet is | Voorbeeld: | `voorbeelden van schijnvruchten: ananas, aardbeien, beukennootjes etc.` | |
7 definities op Encyclo
- •een vruchtlichaam dat niet uit het vruchtbeginsel ontstaan is.
- 1) Kweepeer 2) Kwee
- Een vrucht die niet alleen uit het vruchtbeginsel ontstaan is, maar waarbij aan de vorming ook andere delen van de bloem hebben deelgenomen (bijvoorbeeld de bloembodem, de kelk). Alternatieven: schijnvruchten
- Een vrucht die uit een bloembodem groeit. Bijvoorbeeld een aardbei.
- geheel van vrucht (s.s.) en andere onderdelen van de bloem of de plant, betrokken bij de vruchtrijping
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de schijnvrucht' of 'het schijnvrucht'?
Het is 'de schijnvrucht', want schijnvrucht is mannelijk en vrouwelijk. Als je het aanwijst is het 'die schijnvrucht'.
Wat is het meervoud van schijnvrucht?
Het meervoud van schijnvrucht is 'schijnvruchten'. Eén schijnvrucht, twee schijnvruchten.
Wat betekent schijnvrucht?
'onderdeel van een plant dat lijkt op een vrucht maar dat volgens de regels van de plantkunde dat niet is'
Hoe spel je schijnvrucht?
schijnvrucht spel je S C H I J N V R U C H T Op andere websites
Zoek schijnvrucht in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek schijnvrucht op
Google
Zoek schijnvrucht op
Woordenlijst.org
Zoek schijnvrucht in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek schijnvrucht op
Wikipedia