ruïneren

werkw.
Uitspraak:  [rywiˈnerə(n)]
Vervoegingen:  ruïneerde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft geruïneerd (volt.deelw.)

1) kapotmaken
Voorbeelden:  `De storm heeft vier strandpaviljoens geruïneerd.`,
`Met roken ruïneer je je gezondheid.`
Synoniemen:  verwoesten, vernielen

2) zorgen dat (iemand) al zijn geld kwijtraakt financieel
Voorbeeld:  `Zijn investeringen in malafide internetbedrijfjes hebben hem volledig geruïneerd.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afbreken bederven nekken slopen vernielen vernietigen verwoesten verzieken

4 definities op Encyclo
  • • [ov] helemaal kapotmaken. • [ov] iemand financieel te gronde richten.
  • kapot maken vb: door dat voetballen hebben ze die tuin geruïneerd Synoniem: vernielen iemand arm maken vb: door het gokken was hij geruïneerd
  • 1) Afbreken 2) Arm maken 3) Bederven 4) Financieel te gronde richten 5) Havenen 6) In het verderf storten 7) In stukken breken 8) Kapotmaken 9) Nekken 10) Omverhalen 11) ...
  • 1) Kapot maken 2) Slopen 3) Tot de bedelstaf brengen 4) Verdemeleren 5) Vernietigen 6) Verwoesten
  • Toon uitgebreidere definities

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    ruïneren