de rivier

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [riˈvir]
Verbuigingen:  rivier|en (meerv.)

breed water dat door een landschap stroomt
Voorbeelden:  `De Maas ontspringt in Frankrijk, stroomt door België en mondt in Nederland uit in de Noordzee.`,
`grensrivier`,
`een zijrivier van de Rijn`,
`met een pont de rivier oversteken`
de grote rivieren  (de Rijn, de Waal en de Maas)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
stroom

Intensiveringen
Hoe kun je met rivier een ander begrip versterken?
rivier van tranen;

17 definities op Encyclo
  1. natuurlijke waterstroom die uitmondt in zee vb: de Maas en de Waal zijn rivieren
  2. •een natuurlijke waterstroom.
  3. stromend water van redelijke omvang. zoute rivier: rivier, die in open verbinding met de zee staat en door een lage rivierafvoer zouter is dan normaal. Het tegengestelde ...
  4. Een rivier is een brede natuurlijke waterloop die de afwatering van een stroomgebied verzorgt.
  5. Natuurlijke waterloop ontstaan uit de samenvloeiing van neerslag en-of smeltwater.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met rivier:
rivierarmrivierarmenrivierbedrivierbeddenrivierbeddingrivierbeddingenrivierenrivierenlandschaprivierfonteinkruidrivierkreeftrivierkreeftenrivierkruiskruidrivierlandschapriviermondingriviervissenrivierwater

Deze woorden eindigen op rivier:
regenrivierbijrivierzijrivier

Herkomst volgens etymologiebank.nl
rivier (waterstroom)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `rivier`.