Spreekwoorden en zegswijzen
rijden en omzien (=verderdoen maar ook opletten)
• op twee paarden blijven rijden. (=men kan geen keus maken)
• op het apostelpaard rijden (=te voet gaan)
• op een apostelpaard rijden. (=lopen)
• op dat mes kun je naar Keulen rijden (=dat mes is erg bot)
Toon alle 14 spreekwoorden die rijde bevatten

1 definitie op Encyclo
  • [Vergeten woorden] (v.), rij storm, onweer, onstuimigheid, beroering [= Noors ri, IJslands hríð, ~ ridde ‘koorts’, ridden ‘heen en weer bewegen’, rillen, niet ~ rijden]
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met rijde:
rijdekrijdenrijdendrijder

Op andere websites
Zoek rijde in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek rijde op Google
Zoek rijde op Woordenlijst.org
Zoek rijde in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek rijde op Wikipedia