reciteren

werkw.
Uitspraak:  [resi'terə(n)]
Vervoegingen:  reciteerde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gereciteerd (volt.deelw.)

hardop voorlezen om gehoord te worden
Voorbeelden:  `verzen reciteren`,
`de Koran reciteren`
Synoniemen:  voorlezen, voordragen

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
opzeggen voordragen

2 definities op Encyclo
  • 1) Opzeggen 2) Voordragen
  • Plechtig voorlezen
  • Toon uitgebreidere definities

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    reciteren (voordragen)