de pluk

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [plʏk]
Verbuigingen:  pluk|ken (meerv.)

(van langwerpige dingen als grassprieten of haren) een aantal bij elkaar
Voorbeelden:  `een plukje haren`,
`hier en daar een plukje gras`
Synoniem:  bundel

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bosje druivenoogst kruin kuif oogst opbrengst van gewas schuur wijnoogst

Spreekwoorden en zegswijzen
pluk maar veren van een kikvors (=van een arme kan je niet veel geld eisen)
pluk de dag (Carpe diem). (=geniet van vandaag.)
Naar de spreekwoorden

5 definities op Encyclo
  • Een druktechnisch probleem waarbij er stukjes couche (strijklaag) van het papier loslaten (uit het papier geplukt worden). Door de pluk ziet het drukwerk er minder fraai ...
  • •uitgetrokken bundeltje. •het plukken.
  • een bosje van iets vb: er zit een plukje haar in het hangertje van Floriska een plukje mensen [een klein groepje]
  • echt Nederlandsche handelswoorden (1914):1) oogst; 2) plok.
  • 1) Boeket 2) Bos 3) Bosje 4) Buit 5) Dot 6) Druivenoogst 7) Handvol 8) Hoeveelheid 9) In volle wasdom 10) Inzameling van vruchten 11) Kruin 12) Kuif 13) Lok 14) Oogst 15)...
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met pluk:
    pluk afplukhaarplukhaardeplukhaardenplukhaartplukharenplukkenplukkerplukkersplukselplukselsplukslapluktplukteplukten

    Deze woorden eindigen op pluk:
    afpluk

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    pluk (bundeltje; het plukken)