het paviljoen

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [pavɪlˈjun]
Verbuigingen:  paviljoen|s (meerv.)

1) gebouw dat bij andere gebouwen op hetzelfde terrein hoort
Voorbeeld:  `Paviljoen C ligt voorbij de vijver rechts.`

2) horecagelegenheid in een houten gebouw
Voorbeeld:  `strandpaviljoen`

© Kernerman Dictionaries.

11 definities op Encyclo
  1. Het verhoogd achterdek bij een platbodem, waaronder zich de woonruimte van de schipper bevond, waardoor paviljoenschepen een lage kruiphoogte hadden, o.a. paviljoentjalk ...
  2. bijgebouw, bijvoorbeeld van ziekenhuis vb: in dit paviljoen liggen de longpatiënten huisje in een park waar je iets kunt drinken vb: middenin het natuurgebied is een pav...
  3. [ architectonische termen] Het begrip paviljoen kent verschillende betekenissen:1. tuinhuis of buitenverblijf, licht geconstrueerd en meestal van hout 2. een vooruitsprin...
  4. Let op: Spelling (deels) uit 1864: o. (-en), zomerhuisje; tuinhuis; daktentje; (zeew.) achterdek; eerste kajuit in een vaartuig; veldleger; soort ledekant; vlag.
  5. Uit `De lagere vaktalen: Diamantbewerking` 1914 fr. pavillon.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met paviljoen:
paviljoendakpaviljoenenpaviljoens

Deze woorden eindigen op paviljoen:
strandpaviljoenjachtpaviljoen

Herkomst volgens etymologiebank.nl
paviljoen (buitenverblijf)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `paviljoen`.