Ia de jood

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [jot]
Verbuigingen:  joden (meerv.)

Ib de jodin

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [joˈdɪn]
Verbuigingen:  jodin|nen (meerv.)

aanhanger van het joodse geloof in de god van Abraham, Izaäk en Jakob, met als heilig boek de Thora
Voorbeelden:  `In Antwerpen wonen veel orthodoxe joden.`,
`jodendom`


II het jood

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [jot]

chemisch element I
Synoniem:  jodium


IIIa de Jood

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [jot]
Verbuigingen:  Joden (meerv.)

IIIb de Jodin

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [joˈdɪn]
Verbuigingen:  Jodin|nen (meerv.)

iemand die via zijn of haar moeder afstamt van het Joodse volk in het Bijbelse Israël
Voorbeelden:  `Het conflict tussen Palestijnen en Joden.`,
`Jodenbuurt`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
Hebreeër

Spreekwoorden en zegswijzen
• ik geloof er in als een jood in Jezus Christus. (=ik geloof er maar weinig in.)
• hij heeft net zoveel geld in de buidel als een jood spek in de kast. (=hij is straatarm.)
Naar de spreekwoorden

Taaladvies
  1. (hoofdletter?) Is de juiste spelling Jood of jood? Zie Jood
  2. Is een jood correct geschreven, of moet het met een hoofdletter: een Jood,? Zie een Jood / een jood
  3. Wat is juist: jood met een kleine letter of Jood met een hoofdletter? Zie Jood / jood


8 definities op Encyclo
  • • [demoniem] een lid van het Joodse volk. • [scheikunde] een verkort woord voor het element jodium, voornamelijk bij geneesmiddelen.
  • •Aanhanger van het Joodse geloof, het Jodendom. •Een persoon met een Joodse moeder die geen ander geloof heeft aangenomen. •Een persoon met een Joodse moeder of vad...
  • iemand die het joodse geloof aanhangt vb: hij is een praktiserende jood
  • iemand die tot het volk behoort dat afstamt van vader Jacob vb: de Joden hebben zich gevestigd in Israel
  • Afk.: I Syn.: jodium Def.: chemisch element uit de reeks halogenen van het periodiek systeem met atoomnummer 53
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met Jood:
    Joods

    Deze woorden eindigen op Jood:
    gejojoodlokjood

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    jood (Israëliet)