pareren

werkw.
Uitspraak:  [pa'rerə(n)]
Vervoegingen:  pareerde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gepareerd (volt.deelw.)

verdedigend reageren op (een aanval)
Voorbeelden:  `een aanval pareren`,
`'Jij bent geen haar beter', pareerde hij de stevige kritiek van zijn vader.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afdraaien afkeren afwenden afweren terugslaan weren

11 definities op Encyclo
  • Verwijder en van pezen, zenen en vet van vlees, wild en gevogelte
  • In de vorm snijden- bijsnijden. https://www.kokswereld.nl/content-culinairwoordenboek.html
  • Ontkrachten/ aanval afslaan
  • [Mil. Woordenboek, spelling van 1861 ``Pareren``] Een stoot of slag P. Zie Schermkunst
  • • [ov] (een aanval) afweren, afwenden of tegenhouden.
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden eindigen op pareren:
    accaparerencomparerenpreparerenreparerensepareren

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    pareren (afwenden)