ontbreken

werkw.
Uitspraak:  [ɔndˈbrekə(n)]
Vervoegingen:  ontbrak (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft ontbroken (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

er niet bij zijn, terwijl dat wel verwacht wordt
Voorbeeld:  `Ik telde ze na en er ontbrak er één.`
Het ontbreekt me aan...  (ik heb niet voldoende...)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
gemis mankeren verzuimen

Spreekwoorden en zegswijzen
• op het appel ontbreken (=niet aanwezig zijn)
Naar de spreekwoorden

Taaladvies
Missen / ontbreken: Is missen in Er mist een bladzijde correct, of moet het zijn: Er ontbreekt een bladzijde?

5 definities op Encyclo
  1. er niet zijn, gemist worden vb: er ontbreken drie leerlingen in de klas het niet (voldoende) hebben vb: het ontbreekt mij aan financiën het ontbreekt hem aan moed [hij d...
  2. [Nederlands] niet voorhanden zijn, niet aanwezig zijn waar het moet zijn
  3. •niet aanwezig zijn terwijl dit wel zou moeten of verwacht wordt.
  4. 1) Afwezig zijn 2) Falen 3) Gebrek 4) Gebreken 5) Gemis 6) Haperen 7) Mangelen 8) Mankeren 9) Missen 10) Niet aanwezig 11) Niet aanwezig zijn 12) Schelen 13) Schorten 14)...
  5. mankeren Jaar van herkomst: 1285 (CG Rijmb. )
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
ontbreken (mankeren)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `ontbreken`.