nuk

zelfst.naamw. (de)
Verbuigingen:  nukken
Verbuigingen:  nukje

een grillige maar vooral ook boze stemming
Voorbeeld:  `Het nare kind had weer zijn nukkken.`


Bron: WikiWoordenboek.

Synoniemen
bevlieging bui gril kuur luim speling

4 definities op Encyclo
  1. kuur Jaar van herkomst: 1573 (Claes )
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. (-ken), kuur, luim, vlaag van eigenzinnigheid; schalkheid, looze trek. ~KIG, bijvoegelijk naamwoord (-er, -st), eigenzinnig, vol k...
  3. (v) - grillige, maar vooral onvriendelijke stemming
  4. 1) Beproeving 2) Bevlieging 3) Boze stemming 4) Bui 5) Caprice 6) Caprise 7) Eigenzinnig 8) Eigenzinnigheid 9) Frats 10) Gril 11) Grilligheid 12) Humeur 13) Inval 14) Kru...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met nuk:
nukenukennuketnuketenuketennukkignukkigheid

Herkomst volgens etymologiebank.nl
nuk (kuur)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 72% van de Nederlanders en 60% van de Vlamingen het woord `nuk`.